ECLI:NL:RBNHO:2024:5694
Rechtbank Noord-Holland
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vordering buitengerechtelijke incassokosten na vluchtvertraging met buitengewone omstandigheden
De passagier heeft een vervoersovereenkomst met de vervoerder gesloten voor een vlucht van Amsterdam naar Kiev via München op 29 oktober 2019, waarbij de vlucht vertraging opliep van meer dan drie uur. Hierdoor miste de passagier de aansluitende vlucht en kwam zij later aan dan gepland.
De passagier vorderde betaling van buitengerechtelijke incassokosten, proceskosten en wettelijke rente, nadat de vordering voor de hoofdsom wegens buitengewone omstandigheden was ingetrokken. De vervoerder betwistte de vordering.
De kantonrechter oordeelde dat de vervoerder in het buitengerechtelijke traject bereid was de forfaitaire compensatie te betalen, maar dat er geen bindende overeenkomst tot betaling tot stand kwam omdat de passagier weigerde een kopie van haar identiteitsbewijs met pasfoto te overleggen. De correspondentie maakte duidelijk dat de passagier geen reden had te verwachten dat de vervoerder zich in de procedure zou beroepen op buitengewone omstandigheden.
De rechter achtte aannemelijk dat de passagier buitengerechtelijke werkzaamheden had laten verrichten en kende de incassokosten toe tot het wettelijk tarief van €72,60. De wettelijke rente werd toegewezen vanaf de dagvaarding. De proceskosten werden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: De vervoerder is veroordeeld tot betaling van €72,60 incassokosten met wettelijke rente en proceskosten worden gecompenseerd.