Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[de man] ,
,
Rechtbank Noord-Holland
Partijen zijn gehuwd in Irak volgens Iraaks recht en hebben gezamenlijk verzocht om echtscheiding wegens duurzame ontwrichting van het huwelijk. De Nederlandse rechter heeft rechtsmacht omdat partijen hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben.
De vrouw vordert betaling van de bruidsgave van 39 miskal 21-karaats goud, omgerekend naar €8.574,78, gebaseerd op de huwelijksakte. De man betwist dit op grond van een vermeende latere overeenkomst met familie waarin de vrouw afstand zou doen van haar recht op de bruidsgave indien zij in Nederland blijft.
De rechtbank beoordeelt het verzoek tot echtscheiding naar Nederlands recht en het verzoek tot betaling van de bruidsgave naar Iraaks recht. De man heeft onvoldoende bewijs geleverd van de latere overeenkomst en de inhoud daarvan. De rechtbank wijst het verzoek van de vrouw toe en veroordeelt de man tot betaling van het bedrag met wettelijke rente.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en er is mogelijkheid tot hoger beroep binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit en veroordeelt de man tot betaling van de bruidsgave van €8.574,78 met wettelijke rente.