Uitspraak
[eiser 1].,
[gedaagde 1].,
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak heeft eiser een kort geding aangespannen tegen een besloten vennootschap, maar heeft het kort geding ingetrokken voordat de zaak werd behandeld, omdat per abuis de verkeerde rechtspersoon was gedagvaard.
Gedaagde heeft daarop gevorderd dat eiser wordt veroordeeld in de proceskosten. De kantonrechter oordeelt dat de intrekking plaatsvond nadat gedaagde al kosten had gemaakt en dat de procedure daarom niet verviel. Eiser is griffierecht verschuldigd en moet de proceskosten van gedaagde vergoeden.
De kosten van gedaagde worden begroot op de helft van het tarief voor een eenvoudig kanton kort geding, omdat gedaagde geen proceshandeling heeft verricht. Eiser wordt veroordeeld tot betaling van €291,50 aan proceskosten, vermeerderd met eventuele kosten van betekening bij niet-tijdige betaling.
De veroordeling is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Eiser wordt veroordeeld tot betaling van €291,50 aan proceskosten na intrekking kort geding wegens verkeerde partij.