ECLI:NL:RBNHO:2024:7657

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
25 juli 2024
Publicatiedatum
26 juli 2024
Zaaknummer
10969648 \ EJ VERZ 24-73
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:214 BWArt. 4:218 BWArt. 4:221 BW
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ambtshalve opleggen zware vereffeningsverplichtingen in nalatenschap met negatieve boedel

Op 25 juli 2024 heeft de rechtbank Noord-Holland ambtshalve een beschikking gegeven in de nalatenschap van een erflaatster die in 2020 is overleden. De enige erfgenaam heeft de nalatenschap beneficiair aanvaard en een boedelbeschrijving ingediend waaruit blijkt dat de nalatenschap negatief is.

Na inzage van de boedelbeschrijving hebben meerdere schuldeisers onregelmatigheden geconstateerd en verzocht om toepassing van de zware vereffening. De erfgenaam/vereffenaar heeft ondanks gelegenheid daartoe niet gereageerd.

De kantonrechter heeft daarom besloten af te wijken van de gebruikelijke lichte vereffening en de zware vereffeningsverplichtingen op te leggen. Dit houdt onder meer in dat schuldeisers worden opgeroepen hun vorderingen in te dienen, een lijst van erkende en betwiste vorderingen wordt neergelegd en een rekening en verantwoording wordt opgesteld.

De openlijke oproep kan worden beperkt tot plaatsing in de digitale Staatscourant. Deze maatregel is genomen om een regelmatige afwikkeling van de negatieve nalatenschap te waarborgen.

Uitkomst: De kantonrechter legt ambtshalve zware vereffeningsverplichtingen op aan de erfgenaam/vereffenaar vanwege een negatieve nalatenschap en bezwaren van schuldeisers.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./repnr.: 10969648 \ EJ VERZ 24-73
Uitspraakdatum: 25 juli 2024
Ambtshalve beschikking van de kantonrechter in de nalatenschap van:
[erflaatster],
geboren op [geboortedatum] 1938 te [geboorteplaats] en overleden op [overlijdensdatum] 2020, laatstelijk gewoond hebbende te
[woonplaats].

1.Het procesverloop

1.1.
Op 4 maart 2024 heeft [verzoeker] een boedelbeschrijving ingediend, bij de griffie ontvangen op 4 maart 2024, waarbij zij heeft gemeld dat de nalatenschap negatief is.
1.2.
In een brief van de rechtbank Noord-Holland van 11 maart 2024 is gemeld dat de boedelbeschrijving op de griffie ter inzage is gelegd en is de ‘lichte vereffening’ van toepassing verklaard.
1.3.
In een brief van 17 april 2024 hebben vier schuldeisers geschreven dat zij onregelmatigheden in de neergelegde boedelbeschrijving hebben geconstateerd.
1.4.
De erfgenaam/vereffenaar, [verzoeker] , heeft, ondanks dat zij daartoe in de gelegenheid is gesteld, niet gereageerd.

2.De feiten

2.1.
Op [overlijdensdatum] 2020 is overleden mevrouw [erflaatster] , geboren op [geboortedatum] 1938 te [geboorteplaats] , laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats] (erflaatster).
2.2.
[verzoeker] is de enige erfgenaam van erflaatster.
2.3.
De nalatenschap is op 14 oktober 2020 beneficiair aanvaard door [verzoeker] .
2.4.
[verzoeker] is op grond van de beneficiaire aanvaarding vereffenaar in de nalatenschap van erflaatster. Zij zal hierna aangeduid worden als de erfgenaam/vereffenaar.

3.De beoordeling

3.1.
Uitgangspunt bij de afwikkeling van een onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaarde nalatenschap is dat deze op vereenvoudigde wijze wordt afgewikkeld. De kantonrechter ziet aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken en te bepalen dat op de vereffening de ‘zware’ vereffeningsverplichtingen van toepassing zijn. De kantonrechter legt hierna uit waarom.
3.2.
De erfgenaam/vereffenaar heeft een boedelbeschrijving ingediend. Blijkens dit overzicht van de bezittingen en de schulden is er sprake van een negatieve nalatenschap. Deze boedelbeschrijving is op de griffie ter inzage gelegd.
3.3.
Een drietal schuldeisers heeft de boedelbeschrijving ingezien en zij hebben per brief van 17 april 2024 aan de kantonrechter hun bezwaren tegen de boedelbeschrijving kenbaar gemaakt en er op aangedrongen dat de boedelbeschrijving aangepast wordt. Daarnaast verzoeken zij dat de zware vereffening van toepassing wordt verklaard.
3.4.
De erfgenaam/vereffenaar is bij brief van 14 mei 2024 in de gelegenheid gesteld te reageren op de op- en aanmerkingen van de schuldeisers en hun verzoek om de vereffening te verzwaren. De erfgenaam/vereffenaar heeft niet gereageerd.
3.5.
Gelet op het negatieve saldo van de boedel, het lange verloop tussen het overlijden van erflaatster en het indienen van de boedelbeschrijving, de opmerkingen van de schuldeisers en de omstandigheid dat de erfgenaam/vereffenaar niet heeft gereageerd, zal de kantonrechter met het oog op een regelmatige vereffening gebruik maken van de in lid 1 van artikel 4:221 BW Pro aan de kantonrechter gegeven bevoegdheid om te bepalen dat de in de artikelen 4:214, lid 1 en 5, en 4:218 BW omschreven verplichtingen wel komen te rusten op de erfgenamen die uit hoofde van aanvaarding onder het voorrecht van boedelbeschrijving vereffenaar zijn.
3.6.
De vereffening zal worden verzwaard met de volgende verplichtingen:
1. het oproepen van de schuldeisers om voor 1 oktober 2024 hun vorderingen bij de vereffenaars dan wel de boedelnotaris - indien aanwezig – in te dienen;
2. het zo spoedig mogelijk na 1 oktober 2024 neerleggen van een lijst van erkende en betwiste vorderingen en aanspraken op voorrang bij de boedelnotaris, of bij gebreke daarvan bij de griffie van de rechtbank, ter inzage van de erfgenamen, de legatarissen en allen die zich als schuldeiser hebben aangemeld en ieder van hen daarvan in kennis te stellen;
3. het neerleggen van een rekening en verantwoording en uitdelingslijst zoals bepaald in artikel 4:218 BW Pro;
4. waarbij de vereffenaar zich voor wat betreft de openlijke oproep en openlijke bekendmaking kan beperken tot plaatsing in de digitale Staatscourant.

4.De beslissing

De kantonrechter:
4.1.
bepaalt dat de verplichtingen uit hoofde van de leden 1 en 5 van artikel 4:214 BW Pro en artikel 4:218 BW Pro op de erfgenaam-vereffenaar van de nalatenschap van [erflaatster] rusten;
4.2.
bepaalt dat de erfgenaam/vereffenaar de schuldeisers van de nalatenschap van [erflaatster] op zal roepen hun vorderingen bij haar dan wel de boedelnotaris (voor zover aanwezig) in te dienen vóór 1 oktober 2024;
4.3.
bepaalt dat de erfgenaam/vereffenaar zich voor wat betreft de openlijke oproep en openlijke bekendmaking kan beperken tot plaatsing in de digitale Staatscourant;
Deze beschikking is gegeven door mr. S.W.S. Kiliç en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter