ECLI:NL:RBNHO:2024:7666

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
13 juni 2024
Publicatiedatum
26 juli 2024
Zaaknummer
10894528 VBM VERZ 24-188
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot opheffing bewind wegens kwetsbaarheid en gebrek aan financieel inzicht

Betrokkene verzocht om opheffing van het bij beschikking ingestelde bewind over zijn goederen vanwege zijn geestelijke of lichamelijke toestand. Hij stelde dat het bewind niet goed functioneert door gebrek aan wederzijds respect en contact met de bewindvoerder, en wenste een professionele budgetbeheerder aan te stellen. Tevens wilde hij zijn broer, de huidige bewindvoerder, alle financiële zaken laten overdragen.

De bewindvoerder stelde dat hij al 25 jaar de financiën beheert en dat betrokkene kwetsbaar is, met name door gokproblemen en een ontoereikende bijstandsuitkering. Hij wees op het risico van financieel misbruik en benadrukte dat betrokkene de kosten van een professionele budgetbeheerder niet kan dragen.

De kantonrechter oordeelde dat betrokkene onvoldoende heeft aangetoond dat de grondslag voor het bewind, namelijk gebrek aan financieel inzicht en gokverslaving, is komen te vervallen. Budgetbeheer werd als onvoldoende beschouwd vanwege de noodzakelijke zelfregie die betrokkene niet kan waarborgen. Ook zijn plannen om naar Thailand te verhuizen waren onvoldoende concreet uitgewerkt. Gezien de kwetsbare situatie en het ontbreken van verdiencapaciteit blijft het bewind noodzakelijk.

De kantonrechter wees daarom het verzoek tot opheffing van het bewind af.

Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het bewind wordt afgewezen omdat betrokkene financieel kwetsbaar blijft en onvoldoende heeft gesteld dat de grondslag voor het bewind is vervallen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknummer: 10894528 BM VERZ 24-188 sc
Uitspraakdatum: 13 juni 2024

Beschikking van de kantonrechter

op verzoek van:
[betrokkene] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: verzoeker,
van wie de bewindvoerder is:
[bewindvoerder] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: bewindvoerder.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoek met bijlage, ter griffie ingekomen op 27 december 2023;
  • het verweer van de bewindvoerder, ter griffie ingekomen op 8 februari 2024;
  • de reactie op het verweer, ter griffie ingekomen op 5 maart 2024.
Op 29 mei 2024 heeft een mondelinge behandeling van het verzoek plaatsgevonden.

beoordeling

Het verzoek strekt tot opheffing van het bij beschikking van 15 maart 2023 ingestelde bewind over de goederen die aan verzoeker (zullen) toebehoren op grond van zijn geestelijke of lichamelijke toestand.
Verzoeker stelt dat bewind of budgetbeheer alleen goed kan werken als er wederzijds respect is en goed contact en dat dat helaas nu niet het geval is. Verzoeker heeft een professionele budgetbeheerder bereid gevonden zijn financiën te beheren en wil dat zijn broer die nu bewindvoerder is, alle financiële zaken aan dit kantoor overdraagt. Verzoeker stelt ook dat hij geen inzicht krijgt in zijn financiën. Tot slot stelt verzoeker dat zijn grote droom is om te verhuizen naar Thailand, dat hij hiervoor de overwaarde van zijn huis wil gebruiken en dat hij zijn pensioen naar voren wil halen, maar dat deze plannen worden tegengehouden door de bewindvoerder.
De bewindvoerder staat niet achter het verzoek en voert aan dat hij al 25 jaar de financiën van verzoeker regelt: eerst via een en/of rekening en later als bewindvoerder. De bewindvoerder voert ook aan dat door omstandigheden het de laatste jaren niet goed is gegaan met verzoeker. Hij is kwetsbaar en heeft problemen met gokken. Hij heeft een bijstandsuitkering die ontoereikend is voor zijn hypotheek en dagelijks onderhoud. De bewindvoerder is bij machte om dit zo nu en dan aan te zuiveren, geheel pro deo. De kosten die een professionele budgetbeheerder rekent, kan verzoeker niet betalen. De bewindvoerder is erg begaan met verzoeker en hij wil hem behoeden voor nog meer financieel leed, onder andere, door niet in te stemmen met de plannen van verzoeker om zijn huis te verkopen en naar Thailand af te reizen. Volgens de bewindvoerder is, als het bewind wordt opgeheven, het risico dat verzoeker financieel aan de grond raakt levensgroot omdat verzoeker makkelijk beïnvloedbaar is.
De kantonrechter moet de vraag beantwoorden of aannemelijk is geworden dat de grondslag die destijds tot de onderbewindstelling aanleiding heeft gegeven, is komen te vervallen. Destijds is het bewind ingesteld vanwege het ontbreken van inzicht in zijn financiën en een gokverslaving. Dat hiervan geen sprake meer is, heeft verzoeker niet gesteld en onderbouwd. Dat de grondslag aan het bewind is komen te ontvallen, is dan ook niet aannemelijk geworden.
Dat een bewind desondanks niet langer noodzakelijk is, is ook niet aannemelijk geworden. De kantonrechter is er in het geheel niet van overtuigd dat verzoeker zelf zijn financiële zaken kan behartigen. De kantonrechter is daarnaast van oordeel dat budgetbeheer voor verzoeker geen optie is omdat dit te vrijblijvend is. Hij zal dan veel financiële zaken zelf moeten gaan regelen, hetgeen hij al 25 jaar niet heeft gedaan. Verzoeker heeft geen inzicht in de consequenties van zijn handelen en mogelijk zal misbruik gemaakt worden van zijn financiële situatie. Verzoeker heeft zijn plan om naar Thailand af te reizen onvoldoende uitgewerkt. Ook als het plan om naar Thailand af te reizen niet wordt uitgevoerd, bevindt verzoeker zich in een buitengewoon kwetsbare situatie omdat hij onvoldoende inkomsten heeft voor het dagelijkse leven, omdat al zijn geld in zijn woning zit en omdat verzoeker geen verdiencapaciteit heeft.
Gelet op de stukken en de afgelegde verklaringen is de kantonrechter aldus van oordeel dat onvoldoende is gebleken dat verzoeker in staat is om zijn financiële belangen zelf te behartigen en dat de noodzaak voor bewind nog aanwezig is. De kantonrechter zal het verzoek tot opheffing van het bewind afwijzen.

beslissing

De kantonrechter wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.H. Gisolf, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter