Op 11 augustus 2022 reed de verdachte op zijn racefiets over de Zutweg te Dirkshorn toen hij een voetganger aanreed die stil stond om een fietser de weg te wijzen. Het slachtoffer viel met haar hoofd op het wegdek en overleed de volgende dag aan haar verwondingen.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte aanmerkelijk onoplettend heeft gehandeld door onvoldoende rekening te houden met de voetgangers en onvoldoende op de weg te letten gedurende minimaal 5 tot 14 seconden, waardoor het ongeval aan zijn schuld te wijten is. De verdachte erkende zijn onoplettendheid en nam verantwoordelijkheid.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, de impact op zowel het slachtoffer als de verdachte, en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder zijn spijt en stabiele leefomgeving. De verdachte was niet eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten.
De rechtbank legde een taakstraf van 100 uren op, lager dan de door het Openbaar Ministerie gevorderde 160 uren, en zag geen aanleiding tot rijontzegging vanwege het feit dat de verdachte een ongemotoriseerd voertuig bestuurde.
De uitspraak werd gedaan door een meervoudige strafkamer van de Rechtbank Noord-Holland op 30 januari 2024.