Eisers zijn particuliere verhuurders van woningen die door de commerciële partij gedaagde werden onderverhuurd aan arbeidsmigranten. Eisers hadden huurovereenkomsten gesloten die zij opzegden, maar gedaagde beriep zich op huurbescherming en weigerde ontruiming.
De kantonrechter oordeelde dat gedaagde eisers had misleid door op haar website en in de huurovereenkomsten te stellen dat er geen huurbescherming zou gelden en dat opzegging met een maandstermijn mogelijk was, terwijl dit wettelijk niet het geval is. Gedaagde kon dit niet aannemelijk maken en werd verweten dat zij als professionele partij de wet kende en correcte informatie had moeten verstrekken.
De rechter stelde vast dat het beroep op huurbescherming naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. De huurovereenkomsten eindigen daarom op 1 oktober 2024, waarna ontruiming moet plaatsvinden. Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.