Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.[eiser 1] ,
2.
[eiser 2],
3.
[eiser 3],
1.De procedure
- het getuigenverhoor van 22 maart 2024;
2.De verdere beoordeling
- de vordering van [eiser 1] toewijsbaar is voor wat betreft de facturen met de nummers 2022120024, 2023010005 en 2023020006 (zie r.o. 4.4). Dat komt neer op een bedrag van € 15.513,18 (= € 3.670,66 + € 5.427,58 + € 6.414,94);
- de vordering van [eiser 2] toewijsbaar is voor een bedrag van € 15.846,16 (= € 6.250,86 + € 9.595,30) (zie r.o. 4.7);
- de vordering van [eiser 3] is toewijsbaar voor een bedrag van € 16.934,80 (€ 4.590,20 + € 5.110,98 + € 1.362,40 + € 5.871,22) (zie r.o. 4.9).