Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering benadeelde partij [slachtoffer 1] en schadevergoedingsmaatregel
8.Vordering benadeelde partij [slachtoffer 2]
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
200 (tweehonderd) dagen. Beveelt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot 76 (zesenzeventig) dagen
nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van 2 jaren.
[slachtoffer 1]geleden schade tot een bedrag van
€ 4.000,- (vierduizend euro), bestaande uit vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 30 juni 2014 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [slachtoffer 1], voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.