Airhelp heeft de vervoerder gedagvaard wegens het niet betalen van compensatie voor de annulering van vlucht KL1896 van Graz naar Amsterdam op 1 april 2022, waardoor de passagier zijn aansluitende vlucht naar Atlanta miste en met meer dan zes uur vertraging aankwam.
De vervoerder werd bij verstek veroordeeld tot betaling van €600,- compensatie plus rente en proceskosten. In verzet heeft de vervoerder aangevoerd dat de annulering het gevolg was van buitengewone omstandigheden, namelijk een capaciteitsreductie door de luchtverkeersleiding op Schiphol.
De kantonrechter oordeelt dat hoewel de capaciteitsreductie aannemelijk is gemaakt, de vervoerder onvoldoende heeft onderbouwd waarom juist vlucht KL1896 moest worden geannuleerd. Het beroep op buitengewone omstandigheden faalt daardoor.
Het verzet wordt ongegrond verklaard en het verstekvonnis bevestigd. De vervoerder wordt veroordeeld in de proceskosten van €132,-. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.