Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De beoordeling
Op basis van het voorgaande is de kantonrechter van oordeel dat het beding oneerlijk is. Het beding wordt daarom vernietigd.
Rechtbank Noord-Holland
Zilveren Kruis heeft een vordering ingesteld tegen de gedaagde partij voor betaling van zorgkosten en bijkomende kosten. De gedaagde is niet verschenen, waarna verstek is verleend. De kantonrechter heeft de hoofdsom van €385,00 toegewezen omdat deze niet onrechtmatig of ongegrond is.
Ambtshalve heeft de kantonrechter het beding in artikel 9.2 van de Algemene Voorwaarden getoetst, waarin Zilveren Kruis administratiekosten, invorderingskosten (waaronder incassokosten) en wettelijke rente kan verhalen. Dit beding is als oneerlijk beoordeeld omdat het een bredere reikwijdte heeft dan de wettelijke normering en de wettelijke vereisten niet respecteert, zoals de termijn van veertien dagen en de maximale incassokosten volgens het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten.
Het rentebeding is deels vernietigd omdat het onterecht rente over overige kosten vordert zonder dat hierover een betalingstermijn is overeengekomen. De nevenvorderingen voor incassokosten en rente worden afgewezen. De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom en proceskosten, met uitzondering van de kosten voor de aanvullende akte die voor rekening van Zilveren Kruis blijven.
Het vonnis is gewezen door kantonrechter W.S.J. Thijs en in het openbaar uitgesproken op 7 februari 2024.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom van €385,00 en proceskosten, terwijl het beding over incassokosten en rente wordt vernietigd.