Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
dat draait nog ergens rond, haal dat daar weg, praat met die mensen, straks wordt het gejat. Ik zie alles vanaf hier” en ‘Blessed’ reageert daarop met “
[voornaam verdachte], de issue is dat dat steeds rondjes draait op dezelfde plek”. ‘Blessed’ stuurt daarbij om 14:38 uur een afbeelding waarop volgens de Koninklijke Marechaussee vermoedelijk twee GPS-trackers zijn te zien op een kaart van een gedeelte van de luchthaven Schiphol. De verdachte reageert daarop met “
het is normaal dat hij die kant op loopt want de man die het ging pakken is van daar, dat is wat wij besproken hebben toch (…). Jij zei, de man die het daar ophaalt is met de strepen, hij is van de mollen. Als de mollen het hebben, dan hebben ze het bewaard, wachtend tot het eruit kan”.
My friend there are problems. We are discovered”. Dat de koffers met cocaïne überhaupt niet zijn aangekomen in Nederland, zoals de raadsman stelt, acht de rechtbank onaannemelijk. Op de beschikbare camerabeelden is te zien dat de verdachte na ontvangst van voornoemde berichten naar Schiphol is gegaan en daar op verschillende plekken zoekend heeft rondgekeken. Op basis van de observatie kan worden vastgesteld dat de verdachte toen ongeveer een half uur op de luchthaven is geweest. Ondertussen werden hem door ‘Blessed’ afbeeldingen gestuurd van de twee trackers die aanstraalden op Schiphol, terwijl op de videofragmenten met de zwarte pakketten ook twee koffers met trackers te zien waren. De rechtbank gaat er dan ook van uit dat er twee koffers met cocaïne met daarin elk één tracker vanuit Cartagena zijn aangekomen in Nederland. Voor zover de raadsman heeft betoogd dat de pakketten met cocaïne, voordat de koffers op Schiphol waren aangekomen, al uit de koffers kunnen zijn gehaald, merkt de rechtbank op dat op geen enkele manier is gebleken, bijvoorbeeld uit berichtenverkeer in de in beslag genomen telefoons, en dan met name de iPhone, dat er eerder door of met de verdachte gecommuniceerd is over mogelijke problemen met dit transport. De rechtbank is dan ook van oordeel dat, ook al zijn de koffers met cocaïne niet aangetroffen, sprake is van een voltooide invoer van cocaïne.
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2, onder A, van de Opiumwet gegeven verbod.
handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht voorhanden hebben, waarvan hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, dat het vals of vervalst is.
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.In beslag genomen en niet teruggegeven goederen
- 92,8 EUR
- 700 EUR
- 900 EUR
- 100 EUR
- 140 EUR
- 10 EUR
- Ploertendoder
- Vals rijbewijs
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
60 (zestig) maanden.
- 92,8 EUR;
- 700 EUR;
- 900 EUR;
- 100 EUR;
- 140 EUR;
- 10 EUR.
- Ploertendoder;
- Vals rijbewijs.