ECLI:NL:RBNHO:2025:10449

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
3 september 2025
Publicatiedatum
11 september 2025
Zaaknummer
11379836
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Compensatieverzoek passagiers na annulering vlucht door buitengewone omstandigheden

In deze zaak hebben de passagiers, verzoekers in het geding, een vervoersovereenkomst gesloten met de vervoerder Air France voor een vlucht van Charles de Gaulle Airport naar Amsterdam-Schiphol op 24 augustus 2023. De vlucht, AF1640, werd echter geannuleerd door de vervoerder. De passagiers hebben compensatie van € 250,00 per persoon gevraagd, gebaseerd op de Europese Verordening (EG) nr. 261/2004, maar de vervoerder heeft geweigerd te betalen. De passagiers hebben hun verzoek onderbouwd met de stelling dat de annulering niet het gevolg was van buitengewone omstandigheden.

De kantonrechter heeft vastgesteld dat de annulering van de vlucht inderdaad heeft plaatsgevonden, maar dat de vervoerder zich kan beroepen op buitengewone omstandigheden. De rechter heeft overwogen dat de vertrektijd van de vlucht meerdere keren is uitgesteld door de luchtverkeersleiding vanwege slechte weersomstandigheden, wat niet inherent is aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder. De vervoerder heeft alle redelijke maatregelen genomen om de vertraging te minimaliseren, waaronder het wachten op toestemming om te vertrekken en het omboeken van passagiers op een alternatief.

Uiteindelijk heeft de kantonrechter het verzoek van de passagiers afgewezen en hen veroordeeld tot betaling van de proceskosten. De beschikking is gegeven door mr. M.W. Koenis en is uitvoerbaar bij voorraad. Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie
locatie Haarlem
Zaaknr./rolnr.: 11379836 \ CV FORM 24-7634
Uitspraakdatum: 3 september 2025
Beschikking van de kantonrechter in de zaak van:

1.[verzoeker 1], wonende te [plaats 1]

2. [verzoeker 2], wonende te [plaats 2]
verzoekende partij
verder te noemen: de passagiers
gemachtigde: [gemachtigde] (Yource B.V.)
tegen
de vennootschap naar buitenlands recht
Air France
gevestigd te Roissy (Frankrijk)
verwerende partij
verder te noemen: de vervoerder
gemachtigde: mr. M. Lustenhouwer (AKD)

1.Het procesverloop

Dit verloop blijkt uit:
  • het vorderingsformulier (formulier A);
  • het antwoordformulier (formulier C) en het verweerschrift.

2.De feiten

2.1.
De passagiers hebben een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan de vervoerder hen op 24 augustus 2023 moest vervoeren van Charles de Gaulle Airport (Frankrijk) naar Amsterdam-Schiphol Airport, met vlucht AF1640 (hierna: de vlucht).
2.2.
De vervoerder heeft de vlucht geannuleerd.
2.3.
De passagiers hebben daarom compensatie van de vervoerder verzocht.
2.4.
De vervoerder heeft niet uitbetaald.

3.Het geschil

3.1.
De passagiers verzoeken de vervoerder te veroordelen tot betaling van:
- € 500,00, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 24 augustus 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
- € 90,75 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met wettelijke rente;
- de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente.
3.2.
De passagiers baseren hun verzoek op de Verordening (EG) nr. 261/2004 (hierna: de Verordening) en de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat de vervoerder hen vanwege de annulering van de vlucht moet compenseren met een bedrag van € 250,00 per passagier. [1]
3.3.
De vervoerder voert verweer. Op zijn verweer wordt ingegaan bij de beoordeling.

4.De beoordeling

4.1.
De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat hij bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen.
4.2.
Niet in geschil is dat de vlucht is geannuleerd. Daarom moet de vervoerder in beginsel compenseren. Dit is anders als hij kan aantonen dat de annulering van de vlucht het gevolg is geweest van buitengewone omstandigheden, die ondanks het treffen van alle redelijke maatregelen niet voorkomen konden worden. [2]
4.3.
De vervoerder heeft een beroep gedaan op buitengewone omstandigheden. Dit verweer van de vervoerder slaagt. Hiertoe wordt als volgt overwogen.
4.4.
De vertrektijd van de vlucht is meerdere keren uitgesteld door de luchtverkeersleiding vanwege slechte weersomstandigheden. Het toestel kon hierdoor niet eerder vertrekken, omdat instructies van de luchtverkeersleiding altijd moeten worden opgevolgd. Deze omstandigheid is niet inherent aan de bedrijfsactiviteit van de vervoerder en deze heeft daar ook geen invloed op. De vlucht zou vanaf Parijs vertrekken om 09:45 UTC. Omdat er om 11:30 UTC nog steeds geen zicht was op verbetering van het CTOT, welke inmiddels was opgeschoven naar 13:01 UTC, was de vervoerder genoodzaakt de vlucht te annuleren.
4.5.
Bovendien oordeelt de kantonrechter dat de vervoerder alle redelijke maatregelen heeft genomen om de vertraging van de passagiers op de eindbestemming zo beperkt mogelijk te houden. Hij heeft namelijk geruime tijd gewacht op toestemming om te mogen vertrekken en hen – nadat er geen zicht meer was op vertrek op korte termijn – omgeboekt op het eerst beschikbare alternatief. Niet valt in te zien welke maatregelen de vervoerder nog meer of anders had kunnen nemen. Het verzoek van de passagiers zal daarom worden afgewezen.
4.6.
De proceskosten komen voor rekening van de passagiers, omdat zij ongelijk krijgen. Daarbij worden de passagiers ook veroordeeld tot betaling van nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, indien betekening van de beschikking heeft plaatsgevonden, met de kosten van betekening van deze beschikking.
5. De beslissingDe kantonrechter:
5.1. wijst het verzochte af;
5.2. veroordeelt de passagiers tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de vervoerder tot en met vandaag worden begroot op € 135,00 aan salaris gemachtigde;
en veroordeelt de passagiers tot betaling van € 67,50 aan nakosten voor zover deze kosten daadwerkelijk door de vervoerder worden gemaakt, te vermeerderen, indien betekening van de beschikking heeft plaatsgevonden, met de kosten van betekening van deze beschikking;
5.3. verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.W. Koenis, kantonrechter, en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open

Voetnoten

1.Artikel 7 van de Verordening.
2.Artikel 5 lid 3 van de Verordening.