ECLI:NL:RBNHO:2025:10574

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
10 september 2025
Publicatiedatum
15 september 2025
Zaaknummer
11853479 \ AO VERZ 25-75
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Rectificatie van partijnaam in verzoekschrift in civiele procedure

In deze tussenbeschikking van de Rechtbank Noord-Holland, zittingsplaats Alkmaar, wordt het verzoek van [verzoeker] tot rectificatie van de partijnaam in het verzoekschrift toegewezen. Het verzoekschrift, dat op 21 augustus 2025 is ingediend, was aanvankelijk gericht tegen GP Groot B.V. als werkgever, maar [verzoeker] verzocht om de naam te wijzigen naar GP Groot retail B.V. Dit verzoek werd gedaan na een ontslag op staande voet en de bijbehorende schadevergoeding en vergoedingen. De kantonrechter oordeelt dat de aanvankelijke vermelding van GP Groot B.V. een vergissing was, aangezien uit de overgelegde documenten blijkt dat GP Groot retail B.V. de juiste werkgever is. De kantonrechter stelt vast dat de rectificatie tijdig heeft plaatsgevonden en dat GP Groot retail B.V. niet in haar belangen wordt geschaad door deze wijziging. De rechter merkt op dat beide partijen, GP Groot B.V. en GP Groot retail B.V., op de hoogte waren van de vergissing en dat de rectificatie geen nadelige gevolgen heeft voor de verdediging van GP Groot retail B.V. De beslissing om de partijnaam te rectificeren wordt dan ook toegestaan, en de kantonrechter houdt verdere beslissingen aan tot een later moment.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Alkmaar
Zaaknummer / rekestnummer: 11853479 \ AO VERZ 25-75 (BvdL)
Tussenbeschikking van 10 september 2025
in de zaak van
[verzoeker],
te [woonplaats] ,
verzoekende partij,
hierna te noemen: [verzoeker] ,
gemachtigde: mr. H.S. Eisenberger,
tegen
GP GROOT RETAIL B.V.,
te Heiloo ,
verwerende partij,
hierna te noemen: GP Groot retail B.V.,
gemachtigde: mr. S. van Ketel.

1.Het verzoek

1.1.
[verzoeker] heeft op 21 augustus 2025 een verzoek gedaan tot betaling van een schadevergoeding wegens onregelmatige opzegging, toekenning van een billijke vergoeding en een transitievergoeding na een ontslag op staande voet. Dit verzoek is gericht tegen GP Groot B.V. als werkgever.
1.2.
In een e-mail van 3 september 2025 heeft mr. Eisenberger een verzoek gedaan tot herstel van een vergissing in het verzoekschrift, en gevraagd de partijnaam GP Groot B.V. te wijzigen in GP Groot retail B.V. als werkgever tegen wie het verzoek zich richt.
1.3.
Op dit rectificatieverzoek heeft mr. Van Ketel in een e-mail van 4 september 2025 gereageerd als gemachtigde van zowel GP Groot B.V. als GP Groot retail B.V. en gemotiveerd bezwaar gemaakt tegen de gevraagde rectificatie.

2.De beoordeling van het rectificatieverzoek

2.1.
De kantonrechter stemt in met het verzoek van [verzoeker] om de partijnaam in het verzoekschrift te verbeteren zodanig dat het zich richt tegen GP Groot retail B.V. Hierna wordt uitgelegd waarom. Bij de beoordeling wordt de e-mail van mr. Eisenberger van 7 september 2025 buiten beschouwing gelaten, omdat mr. Van Ketel geen gelegenheid heeft gehad daarop te reageren.
2.2.
Het verzoek van [verzoeker] is gebaseerd op een ontslag op staande voet dat zijn werkgever hem heeft gegeven. Het verzoekschrift dat op 21 augustus 2025 is ingediend richt zich tegen GP Groot BV.
2.3.
Bij het verzoekschrift zijn onder meer overgelegd de arbeidsovereenkomst van [verzoeker] , de aan [verzoeker] gerichte brief van 24 juni 2025 betreffende een ‘(voorwaardelijk) ontslag op staande voet’ en de brief van 27 juni 2025 waarin het ontslag op staande voet aan [verzoeker] is meegedeeld. De arbeidsovereenkomst vermeldt als werkgever GP Groot retail B.V. en ook genoemde brieven zijn verstuurd uit naam van GP Groot retail B.V.
2.4.
Uit deze stukken blijkt duidelijk dat GP Groot retail B.V. de werkgever is die [verzoeker] op staande voet heeft ontslagen. Dit staat tussen partijen ook niet ter discussie. In haar brief van 4 september 2025 schrijft mr. Van Ketel immers dat niet GP Groot B.V. maar GP Groot retail B.V. de werkgever is van [verzoeker] . Dit betekent dat [verzoeker] zijn verzoekschrift aanvankelijk heeft gericht tot een onjuiste partij.
2.5.
In de kop van het verzoekschrift, waar staat dat het zich richt tegen GP Groot BV gevestigd aan de Vennewatersweg 2b te ( 1852PT ) Heiloo , wordt verwezen naar ‘(Productie 2 uittreksel KvK)’. Deze productie 2 is echter een KvK-uittreksel van GP Groot retail B.V., gevestigd aan de Vennewatersweg 2b te Heiloo , terwijl een KvK-uittreksel van GP Groot B.V. ontbreekt.
2.6.
Gelet op het voorgaande is de partijaanduiding in het verzoekschrift, waarbij alleen het woord ‘retail’ ontbreekt, naar het oordeel van de kantonrechter aan te merken als een vergissing.
2.7.
De kantonrechter overweegt dat wijziging en rectificatie van een aanvankelijk onjuiste partijaanduiding een aanvaardbaar middel is tot herstel van een gemaakte vergissing, als het onder de gegeven omstandigheden voor de wederpartij kenbaar was dat sprake was van een vergissing, die wederpartij door de vergissing en de rectificatie daarvan niet is benadeeld of in haar verdediging is geschaad, en de rectificatie tijdig heeft plaatsgevonden. [1]
2.8.
Het aan GP Groot B.V. gerichte verzoekschrift is op 26 augustus 2025 door de griffier gezonden naar het adres Vennewatersweg 2b te Heiloo , het vestigingsadres van GP Groot retail B.V. Vervolgens heeft mr. Van Ketel, als gemachtigde van GP Groot B.V., in een brief van 29 augustus 2025 haar verhinderdata aan de rechtbank doorgegeven. Naar aanleiding van het rectificatieverzoek van [verzoeker] van 3 september 2025 heeft mr. Van Ketel op 4 september 2025 aan de rechtbank bericht dat zij ook optreedt als raadsvrouwe van GP Groot retail B.V. Daarmee kan worden aangenomen dat zowel GP Groot B.V. als GP Groot retail B.V. heeft kennisgenomen van het verzoekschrift.
2.9.
Uit het verzoekschrift met bijbehorende producties blijkt duidelijk op welke rechtsverhouding het betrekking heeft. Er kan in redelijkheid geen misverstand over bestaan dat [verzoeker] bedoeld heeft zijn verzoek te richten tegen zijn werkgever GP Groot retail B.V. Onder de gegeven omstandigheden wordt aangenomen dat het voor GP Groot B.V. en GP Groot retail B.V. van meet af aan kenbaar is geweest dat de partijaanduiding in het verzoekschrift een vergissing was. Dit geldt te meer omdat GP Groot retail B.V. in haar brief van 24 juni 2025 zelf schrijft ‘(hierna: “GP Groot”)’, en ook in de ontslagbrief van GP Groot retail B.V. de werkgever ‘GP Groot’ wordt genoemd.
2.10.
Door de rectificatie van het verzoekschrift wordt GP Groot retail B.V. niet in haar belangen geschaad. Zij zal nog in de gelegenheid worden gesteld daartegen inhoudelijk verweer te voeren. Het enkele feit dat de vervaltermijn voor het indienen van een tegenverzoek door GP Groot retail B.V. inmiddels is verstreken staat niet in de weg aan rectificatie van de partijaanduiding in het verzoek van [verzoeker] . GP Groot retail B.V. heeft immers in de ontslagbrief van 27 juni 2025 al aanspraak gemaakt op de gefixeerde schadevergoeding van artikel 7:677 lid 3 BW en had een dergelijk verzoek tijdig zelfstandig bij de kantonrechter kunnen indienen. Bovendien staat het GP Groot retail B.V. vrij in deze procedure alsnog een dergelijk tegenverzoek te doen.
2.11.
GP Groot retail B.V. beroept zich er verder op dat zij wordt benadeeld omdat [verzoeker] door rectificatie van de partijaanduiding in het verzoekschrift ten onrechte de gelegenheid krijgt om na het verstrijken van de vervaltermijn de juiste partij in rechte te betrekken. De kantonrechter gaat aan deze stelling voorbij omdat GP Groot retail B.V. daarmee een onjuiste invulling geeft aan de eis dat ‘de wederpartij niet door de vergissing en de rectificatie daarvan mag worden benadeeld of in haar verdediging mag zijn geschaad’. GP Groot retail B.V. is immers door het aanvankelijk opnemen van de verkeerde rechtspersoon niet in haar verweermiddelen beperkt en is daardoor evenmin verweermiddelen verloren, die haar bij een van begin af aan vermelding van de juiste rechtspersoon wel, ter beschikking hadden gestaan. Van een benadeling zoals door de Hoge Raad bedoeld is geen sprake. [2]
2.12.
De rectificatie heeft tijdig plaatsgevonden, namelijk binnen twee weken na indiening van het verzoekschrift en voordat een mondelinge behandeling is bepaald of een verweerschrift is ingediend.
2.13.
Het voorgaande leidt ertoe dat de verzochte rectificatie van de partijnaam wordt toegestaan, zodat het verzoek van [verzoeker] wordt geacht gericht te zijn tegen GP Groot retail B.V. vanaf het moment van indiening daarvan op 21 augustus 2025. De kop van deze tussenbeschikking is daarop al aangepast.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
merkt GP Groot retail B.V. (in plaats van GP Groot B.V.) aan als de partij tegen wie het op 21 augustus 2025 door [verzoeker] ingediende verzoekschrift zich richt,
3.2.
stelt [verzoeker] en GP Groot retail B.V. in de gelegenheid om
uiterlijk op 17 september 2025opgave te doen van hun verhinderdata, gesplitst in dagdelen, over de maanden oktober tot en met december 2025, waarna dag en tijdstip van de mondelinge behandeling zullen worden vastgesteld,
3.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. P.J. Jansen en in het openbaar uitgesproken op 10 september 2025.

Voetnoten

1.Zie de uitspraak van de Hoge Raad van 14 december 2007, gepubliceerd op www.rechtspraak.nl met nummer ECLI:NL:HR:2007:BB4765
2.Zie de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 25 november 2024, gepubliceerd op www.rechtspraak.nl met nummer ECLI:NL:GHARL:2024:7241