ECLI:NL:RBNHO:2025:11649
Rechtbank Noord-Holland
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing huurprijsvermindering na herstel laminaat in woning
In deze kortgedingprocedure vordert eiser herstel van het laminaat in zijn woning en huurprijsvermindering vanaf 4 maart 2025 tot het moment van herstel. Tijdens de zitting blijkt dat de verhuurder, Stichting Zaandams Volkshuisvesting (ZVH), het laminaat op 8 oktober 2025 heeft hersteld en nieuw laminaat heeft gelegd. Eiser trekt daarop zijn vordering tot herstel in, zodat alleen de huurprijsvermindering over de periode tot het herstel resteert.
De kantonrechter beoordeelt of er een spoedeisend belang is bij de huurprijsvermindering. Omdat het gebrek inmiddels is verholpen en er geen gebreken meer zijn, kan eiser op dit moment geen aanspraak maken op huurprijsvermindering. Bovendien ontbreekt het spoedeisend belang voor de periode van 4 maart tot 8 oktober 2025, omdat de verhuurder de vordering gemotiveerd betwist en nader feitenonderzoek nodig is, wat in kort geding niet mogelijk is.
De kantonrechter wijst de vordering af en compenseert de proceskosten tussen partijen, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Dit is omdat ZVH pas na dagvaarding het laminaat herstelde en eiser het kort geding had kunnen intrekken na herstel, zodat beide partijen onnodige kosten hebben gemaakt.
De uitspraak is mondeling gedaan op 9 oktober 2025 door kantonrechter J.H. Gisolf in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: De vordering tot huurprijsvermindering wordt afgewezen omdat het gebrek is hersteld en er geen spoedeisend belang bestaat.