Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
primaireen omgangsregeling vast te stellen waarbij [de minderjarige] eenmaal per maand gedurende tweeëneenhalf uur bij de moeder verblijft. Indien de rechtbank geen omgangsregeling zal vaststellen, verzoekt de moeder
subsidiairte bepalen dat de raad wordt verzocht te onderzoeken welke omgangsregeling in het belang van [de minderjarige] is.