De vrouw vordert dat de man meewerkt aan de verkoop en levering van de voormalige echtelijke woning, omdat zij nog steeds eigenaar is en hoofdelijk aansprakelijk voor de hypothecaire geldlening. Na echtscheiding en convenant is afgesproken dat de woning aan de man toekomt onder voorwaarde van ontslag van de vrouw uit hoofdelijke aansprakelijkheid en betaling van een bedrag van € 200.000,-. Omdat de man hier niet aan heeft voldaan, vordert de vrouw verkoop van de woning.
De man is niet verschenen, waardoor verstek is verleend. De voorzieningenrechter oordeelt dat de vorderingen spoedeisend en gegrond zijn. De man wordt veroordeeld om binnen zeven dagen opdracht te geven tot verkoop van de woning aan een makelaar en medewerking te verlenen aan bezichtigingen, het verstrekken van stukken, het accepteren van redelijke biedingen en het ondertekenen van koopovereenkomst en notariële akte.
Daarnaast wordt de man veroordeeld tot betaling van een dwangsom bij niet-naleving van medewerking. De vrouw ontvangt uit de verkoopopbrengst het resterende bedrag van € 28.788,57 plus wettelijke rente vanaf 1 oktober 2023. Proceskosten worden gecompenseerd en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.