ECLI:NL:RBNHO:2025:12098
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Huurtoeslagcorrectie wegens onterecht meerekenen inkomen kinderen die niet werkelijk woonden
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve vaststelling van de huurtoeslag over 2022, waarbij het inkomen van twee van zijn kinderen werd meegeteld omdat zij tijdelijk op zijn adres stonden ingeschreven. De rechtbank heeft ter zitting de kinderen als getuigen onder ede gehoord. Uit hun verklaringen en objectieve feiten blijkt dat zij nooit feitelijk op het adres van eiser hebben gewoond en ook geen bijdrage aan de huur hebben geleverd.
Verweerder had het inkomen van de kinderen meegenomen op grond van hun inschrijving in de basisregistratie personen, maar kon geen feiten aandragen die de verklaringen van de kinderen weerlegden. De rechtbank oordeelt dat er sprake is van een onbalans tussen de letter van de wet en het doel van de regeling, namelijk het vaststellen van de werkelijke draagkracht.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep gegrond, vernietigt de beslissing op bezwaar en stelt de huurtoeslag opnieuw vast zonder het inkomen van de twee kinderen mee te rekenen. Tevens wordt verweerder opgedragen het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de huurtoeslag wordt verhoogd doordat het inkomen van de kinderen niet wordt meegeteld.