De veroordeelde was bij vonnis van 3 oktober 2024 veroordeeld tot een gevangenisstraf van 357 dagen, waarvan 250 dagen voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden zoals opname in een zorginstelling en meldplicht bij de reclassering. De proeftijd ging in op 18 oktober 2024.
De officier van justitie vorderde op 27 december 2024 de tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke straf wegens het niet naleven van deze voorwaarden, met name het overtreden van de opnameverplichting in een kliniek door drugsgebruik en het niet volgen van het dagprogramma. De reclassering adviseerde voortijdige negatieve beëindiging van het toezicht, maar benadrukte de noodzaak van klinische behandeling.
De rechtbank stelde vast dat de veroordeelde de bijzondere voorwaarden niet heeft nageleefd, maar gelet op zijn gewijzigde houding en het advies van de reclassering, werd de vordering gedeeltelijk toegewezen voor 32 dagen tenuitvoerlegging. De bijzondere voorwaarden werden aangepast zodat de klinische opname plaatsvindt in de Forensische Psychiatrische Afdeling in Heiloo, met uitgebreide voorwaarden omtrent behandeling, meldplicht, dagbesteding en middelencontrole.
De veroordeelde toonde motivatie om mee te werken aan de behandeling en gaf de voorkeur aan opname op 27 januari 2025. De rechtbank bepaalde dat de vrijheidsbeneming in mindering wordt gebracht op de tenuitvoerlegging en bevestigde de gewijzigde voorwaarden voor een zorgvuldige voortzetting van de behandeling.