In deze civiele zaak, behandeld door de Rechtbank Noord-Holland, staat centraal of de kopers van een woning gebreken hebben ontdekt die het normaal gebruik van de woning belemmeren. De eisers, twee kopers, hebben de verkoper aangeklaagd voor herstelkosten na het constateren van diverse gebreken aan de woning, waaronder scheuren in de draagmuur en vochtdoorslag. De rechtbank heeft vastgesteld dat de verkoper niet heeft voldaan aan de garantie dat de woning geschikt is voor normaal gebruik. De rechtbank heeft de vordering van de eisers gedeeltelijk toegewezen, waarbij de verkoper is veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van € 28.013,00, vermeerderd met wettelijke rente. De rechtbank heeft ook de buitengerechtelijke kosten en proceskosten toegewezen. De zaak is complex door de discussie over de verjaring van de vorderingen en de aansprakelijkheid van de verkoper voor de gebreken. De rechtbank heeft geoordeeld dat de vorderingen niet zijn verjaard, omdat de eisers tijdig hebben geklaagd over de gebreken en hun recht op nakoming hebben voorbehouden. De rechtbank heeft de herstelkosten voor de scheuren in de draagmuur en de vochtschade toegewezen, maar andere vorderingen van de eisers zijn afgewezen, omdat deze onvoldoende onderbouwd waren. De uitspraak is gedaan op 20 augustus 2025.