ECLI:NL:RBNHO:2025:13200
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling loon vereffenaar in erfrechtelijke procedure
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland, locatie Alkmaar, op 18 november 2025 een beschikking gegeven in de zaak van de vereffenaar, mr. A. Stuijt, die handelt in de hoedanigheid van vereffenaar in de nalatenschap van de heer [naam]. De heer [naam] is op [datum 2] 2021 overleden, en mr. A. Stuijt is op 5 december 2024 benoemd tot vereffenaar van zijn nalatenschap. De vereffenaar heeft op 23 september 2025 een verzoekschrift ingediend om het loon vast te stellen waarop hij recht heeft voor de periode van 11 oktober 2024 tot en met 15 september 2025. Na het indienen van het verzoek heeft de vereffenaar op 16 oktober 2025 nadere inlichtingen verstrekt op verzoek van de griffier. Gezien de aard van het verzoek is er afgezien van een zitting.
De kantonrechter heeft de ingediende declaratie en urenspecificatie beoordeeld. Het door de vereffenaar voorgestelde tarief is conform de Recofa-richtlijnen en de kantonrechter acht de urenspecificatie voldoende onderbouwd en redelijk. De vereffenaar heeft ook verzocht om vergoeding van pre-vereffeningskosten, die zijn gemaakt vóór zijn benoeming. De kantonrechter heeft geoordeeld dat deze kosten meegenomen kunnen worden bij het vaststellen van het loon, conform de handleiding erfrecht procedure kantonrecht.
De kantonrechter heeft besloten het loon van de vereffenaar vast te stellen op een bedrag van € 11.692,44 exclusief btw voor de genoemde periode en heeft tevens toegestaan dat de vereffenaar 8 uren reserveert voor verdere afwikkeling. Deze beschikking is openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.