Gedaagden zijn eigenaar van een perceel met woonhuis in Enkhuizen en gebruiken een strook grond die kadastraal bij een perceel van de Gemeente Enkhuizen hoort, waarop Hof Wonen als erfpachter staat. Hof Wonen vordert ontruiming van deze strook, terwijl gedaagden stellen eigenaar te zijn door verjaring en vorderen notariële vastlegging.
De rechtbank stelt vast dat gedaagden sinds 2008/2009 onafgebroken en te goeder trouw bezit hebben gehad van de strook grond door het plaatsen van een schuur, uitbouw en steiger. Hof Wonen heeft onvoldoende bewijs geleverd om dit te betwisten of de goede trouw van gedaagden te ontkrachten. De verjaringstermijn van tien jaar is in 2019 voltooid zonder stuiting door de Gemeente.
De rechtbank wijst de vorderingen van Hof Wonen af en verklaart dat gedaagden eigenaar zijn geworden van de strook grond. Over de gewijzigde eis in reconventie van gedaagden wordt een tussenvonnis gewezen, waarbij partijen gelegenheid krijgen zich schriftelijk uit te laten. De zaak wordt aangehouden voor verdere beslissing.