ECLI:NL:RBNHO:2025:13984
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens verplaatsing mondelinge behandeling
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die de mondelinge behandeling in de hoofdzaak verplaatste naar een ander tijdstip op dezelfde dag, terwijl verzoekster op dat moment verhinderd was. Zij stelde dat deze procesbeslissing getuigde van grove partijdigheid en haar het recht op een eerlijk proces zou ontnemen.
De wrakingskamer overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die een zwaarwegende aanwijzing van vooringenomenheid vormen. Het verzoek tot wraking richtte zich op een rechterlijke procesbeslissing, welke niet kan worden aangemerkt als een grond voor wraking. Wraking is geen verkapt rechtsmiddel tegen procedurele beslissingen.
De wrakingskamer vond geen aanwijzingen voor vooringenomenheid in het dossier en oordeelde dat de vrees voor partijdigheid niet objectief gerechtvaardigd was. Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen als kennelijk ongegrond. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet zoals die was ten tijde van het indienen van het verzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens gebrek aan gegronde wrakingsgrond.