Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de mondelinge behandeling van 21 november 2025 waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
3.De feiten
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] (hierna te noemen: [de minderjarige 1] );
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] in [plaats] (hierna te noemen: [de minderjarige 2] ).
- om de week een weekend van vrijdagmiddag tot zondag 19:00 uur bij de vader, waarbij de ouder waar de minderjarigen verblijven de minderjarigen brengt naar de ouder waar zij dan gaan verblijven;
- in de zomervakantie in de even jaren de eerste, tweede en vierde week bij de moeder en de derde, vijfde en zesde week bij de vader;
- in de zomervakantie in de oneven jaren de eerste, tweede en vierde week bij de vader en de derde, vijfde en zesde week bij de moeder;
4.Het geschil
5.De beoordeling
De kinderen krijgen op dit moment hulp van het Jeugdteam, maar de voorzieningenrechter vindt het van groot belang dat ook de ouders hulpverlening wordt geboden bij de manier waarop zij communiceren en het gezamenlijk ouderschap vormgeven. Mogelijk zullen de ouders eerst individueel aan het werk moeten, waarna zij in samenspraak met de hulpverlening kunnen bezien welke gezamenlijke hulpverlening kan worden geboden. Voor de kinderen is het nu vooral belangrijk dat er niet te veel druk op hen wordt uitgeoefend, dat de ouders volwassen problematiek bij hen weghouden en geen kwaad spreken over de andere ouder waar de kinderen bij zijn. Tijdens de zitting hebben de advocaten van partijen toegezegd dat ze onderling contact zullen zoeken voor de hulpverlening aan de ouders. Zij kunnen partijen ondersteunen stappen te zetten die nodig zijn om de druk bij de kinderen weg te nemen.