ECLI:NL:RBNHO:2025:14188

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
6 november 2025
Publicatiedatum
4 december 2025
Zaaknummer
11697883 \ CV EXPL 25-1343
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Tussenuitspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenvonnis inzake ambtshalve toetsing van prijsbeding en incassokostenbeding in geneeskundige behandelingsovereenkomst

In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland op 6 november 2025 een tussenvonnis uitgesproken in een civiele procedure tussen Psycholoog Nederland B.V. en een gedaagde partij die niet is verschenen. De eisende partij vordert betaling van € 397,97 aan hoofdsom, vermeerderd met rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten. De kantonrechter heeft ambtshalve toetsing uitgevoerd op de geneeskundige behandelingsovereenkomst, waarbij de eisende partij als handelaar en de gedaagde partij als consument wordt beschouwd. De toetsing aan het consumentenrecht is van toepassing, ook al is dit niet door partijen aangevoerd.

De kantonrechter heeft vastgesteld dat het prijsbeding in de algemene voorwaarden van de eisende partij transparant is, omdat het verwijst naar de geldende tarievenlijst van de Nederlandse Zorgautoriteit. Dit betekent dat het prijsbeding niet wordt getoetst op oneerlijkheid. Echter, het incassokostenbeding is vooralsnog als oneerlijk beoordeeld, omdat het suggereert dat incassokosten direct verschuldigd zijn bij verzuim, terwijl dit pas na een kosteloze aanmaning het geval is. De eisende partij krijgt de gelegenheid om zich hierover uit te laten.

De kantonrechter heeft ook opgemerkt dat de eisende partij de GGZ-voorwaarden niet heeft overgelegd, wat noodzakelijk is voor de ambtshalve toetsing van eventuele oneerlijke bedingen. De eisende partij wordt in de gelegenheid gesteld om deze voorwaarden te overleggen en zich uit te laten over de (on)eerlijkheid van de bedingen. De zaak is aangehouden voor verdere beoordeling en de eisende partij moet zich uiterlijk op 27 november 2025 uitlaten over de bevindingen van de kantonrechter.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknr./rolnr.: 11697883 \ CV EXPL 25-1343
Uitspraakdatum: 6 november 2025
Tussenvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
Psycholoog Nederland B.V.
te Hilversum
de eisende partij
gemachtigde: Janssen & Janssen c.s. gerechtsdeurwaarders
tegen
[gedaagde]
te [plaats]
de gedaagde partij
niet verschenen

1.De procedure

1.1.
De eisende partij heeft de gedaagde partij gedagvaard. Tegen de gedaagde partij is verstek verleend.

2.De beoordeling

2.1.
De eisende partij vordert veroordeling van de gedaagde partij tot betaling van € 397,97 aan hoofdsom, vermeerderd met rente, buitengerechtelijke kosten en de proceskosten.
2.2.
De geneeskundige behandelingsovereenkomst die aan de vordering ten grondslag ligt is gesloten tussen de eisende partij als handelaar en de gedaagde partij als consument. In dat geval moet ambtshalve, dus ook als dat door partijen niet aan de orde is gesteld en/of de vordering is erkend, worden getoetst aan het Europese en Nederlandse consumentenrecht.
Informatieplichten
2.3.
Ambtshalve toetsing van informatieplichten is hier niet aan de orde, omdat een geneeskundige behandelingsovereenkomst op grond van artikel 6:230h lid 2 sub d van het Burgerlijk Wetboek (BW) is uitgezonderd van toetsing.
Het prijsbeding
2.4.
Het prijsbeding moet wel ambtshalve getoetst worden aan de Richtlijn oneerlijke bedingen 93/13/EEG. Op grond van artikel 4 lid 2 van deze richtlijn zijn kernbedingen (zoals het prijsbeding) echter uitgesloten van toetsing op oneerlijkheid mits deze transparant zijn.
2.5.
In de toepasselijke algemene voorwaarden van de eisende partij (hierna: de algemene voorwaarden) staat dat de kosten van de behandeling(en) door de eisende partij worden berekend overeenkomstig de geldende tarievenlijst, zoals deze door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) is vastgesteld en gepubliceerd. De kantonrechter oordeelt dat dit prijsbeding transparant is, omdat in de algemene voorwaarden een link naar de door de NZa vastgestelde tarieven is opgenomen. Het prijsbeding wordt dus in stand gelaten.
De algemene voorwaarden
2.6.
De kantonrechter is ook gehouden om ambtshalve onderzoek te doen naar (mogelijk) oneerlijke bedingen in de toepasselijke algemene voorwaarden. [1] Volgens Richtlijn 93/13/EEG betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten is een beding oneerlijk wanneer dit het evenwicht tussen de wederzijdse rechten en verplichtingen ten nadele van de consument aanzienlijk verstoort. De kantonrechter moet in iedere procedure over ieder onderdeel van de vordering beoordelen of daarover in de algemene voorwaarden afspraken zijn gemaakt en of die afspraken al dan niet oneerlijk zijn ten opzichte van de consument. Als de kantonrechter oordeelt dat een contractuele afspraak oneerlijk is, moet het beding worden vernietigd en moet de vordering op dat onderdeel worden afgewezen (ook als de eisende partij in de procedure een beroep doet op wettelijke bepalingen in plaats van op die contractuele afspraak).
2.7.
Op de overeenkomst(en) zijn zowel de algemene voorwaarden van de eisende partij (hierna: de algemene voorwaarden) van toepassing verklaard, als de ‘Algemene Voorwaarden 2022 Geestelijke Gezondheidszorg’ (hierna: de GGZ-voorwaarden).
2.8.
Onder ‘Declaratie en factuur’ van de algemene voorwaarden staat een rente- en incassokostenbeding. Dat luidt als volgt:
‘De factuur dien je binnen 14 dagen te betalen. Bij niet-betaling binnen 14 dagen ontvang je op grond van de wet een kosteloze aanmaning om alsnog te betalen. Na het verstrijken van de wettelijke termijn van de kosteloze aanmaning worden wettelijke buitengerechtelijke incassokosten en wettelijke rente in rekening gebracht. (…)’
2.9.
Uit de formulering van dit beding volgt dat dit beding suggereert dat vanaf het moment van verzuim direct incassokosten verschuldigd zijn, terwijl dat pas het geval is nadat er een veertiendagenbrief is verstuurd (ná het intreden van verzuim) als bedoeld in artikel 6:96 lid 6 BW. Hiervan mag niet worden afgeweken. De kantonrechter is daarom voornemens het beding op dit punt te vernietigen vanwege het oneerlijke karakter en de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten af te wijzen. De eisende partij krijgt de gelegenheid om zich hierover uit te laten.
2.10.
Voor wat betreft de wettelijke rente is het beding door de kantonrechter getoetst en niet oneerlijk bevonden.
2.11.
De eisende partij heeft de GGZ-voorwaarden niet bij de dagvaarding gevoegd. Bij gebreke van (de juiste versie van) de GGZ-voorwaarden kan de kantonrechter de ambtshalve taak niet uitvoeren. Daarom wordt de eisende partij eveneens in de gelegenheid gesteld om de GGZ-voorwaarden te overleggen en zich uit te laten over de (on)eerlijkheid van de eventuele bedingen uit de GGZ-voorwaarden die op de vordering van toepassing zijn.
Conclusie
2.12.
De eisende partij wordt in de gelegenheid gesteld zich bij akte uit te laten over het voorshands uitgesproken oordeel omtrent de oneerlijkheid van het hiervoor genoemde beding, de GGZ-voorwaarden te overleggen en zich uit te laten over de (on)eerlijkheid van de eventuele bedingen uit de GGZ-voorwaarden die op de vordering van toepassing zijn.
2.13.
Als aan de hierboven bedoelde opdracht niet of niet volledig wordt voldaan, zal de kantonrechter daaraan op grond van de artikelen 22 en 139 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de gevolgen verbinden die hij geraden acht.
2.14.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
verwijst de zaak naar de rol van 27 november 2025 om de eisende partij in de gelegenheid te stellen zich bij akte uit te laten over het voorshands uitgesproken oordeel zoals hiervoor is overwogen;
3.2.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.S.J. Thijs en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter

Voetnoten

1.HvJ EU 27 januari 2021, C‑229/19 en C‑289/19, ECLI:NL:EU:C:68 (Dexia).