Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
[bedrijf]
1.De procedure
2.De beoordeling
‘2. De verkoper is verplicht de koper schriftelijk tot betaling aan te manen; hierbij zal een betalingstermijn van 10 dagen in acht worden genomen.
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland op 3 december 2025 een tussenvonnis uitgesproken in een civiele procedure tussen een eiser, handelend onder de naam van een bedrijf, en een gedaagde partij die niet is verschenen. De eiser heeft de gedaagde gedagvaard en vordert betaling van € 600,00, vermeerderd met buitengerechtelijke incassokosten, wettelijke rente en proceskosten. De kantonrechter heeft ambtshalve toetsing uitgevoerd op de algemene voorwaarden van de eiser, waarbij enkele bedingen als oneerlijk zijn beoordeeld. De rechter heeft vastgesteld dat het rentebeding in de algemene voorwaarden niet gespecificeerd is, waardoor de eiser in feite een zelf te bepalen bedrag aan rente kan verhalen op de consument. Dit leidt tot een verstoring van het evenwicht tussen de rechten en verplichtingen van partijen ten nadele van de consument, waardoor het beding als oneerlijk wordt aangemerkt. Daarnaast is het incassokostenbeding onduidelijk en mogelijk oneerlijk, omdat het suggereert dat incassokosten direct verschuldigd zijn bij verzuim, terwijl dit pas na een veertiendagenbrief het geval is. De kantonrechter heeft de eiser in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de oneerlijkheid van de bedingen en heeft verdere beslissingen aangehouden. De zaak is verwezen naar de rol van 31 december 2025 voor een vervolg.