ECLI:NL:RBNHO:2025:14217
Rechtbank Noord-Holland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Vonnis inzake oneerlijkheid incassokostenbeding in algemene voorwaarden
In deze zaak heeft de kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland op 3 december 2025 een verstekvonnis uitgesproken in een civiele procedure tussen een B.V. als eisende partij en een gedaagde partij die niet is verschenen. De eisende partij, vertegenwoordigd door Janssen & Janssen c.s. gerechtsdeurwaarders, had in een eerder tussenvonnis van 16 juli 2025 de gelegenheid gekregen om te reageren op het oordeel van de kantonrechter over de oneerlijkheid van een incassokostenbeding in de algemene voorwaarden van de eisende partij. De eisende partij heeft hierop een akte ingediend en refereert zich aan het eerdere oordeel van de kantonrechter. De kantonrechter heeft besloten dat het beding in artikel 9 van de algemene voorwaarden, dat betrekking heeft op buitengerechtelijke incassokosten, vernietigd wordt. Dit betekent dat de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten zijn afgewezen.
De kantonrechter heeft verder vastgesteld dat een bedrag van € 473,20 aan hoofdsom toewijsbaar is, maar de vordering tot vergoeding van verschenen rente is afgewezen omdat deze te hoog was berekend. De wettelijke rente is toegewezen over de toewijsbare hoofdsom vanaf de dag van de dagvaarding. De gedaagde partij is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet de proceskosten vergoeden, met uitzondering van de kosten voor het opstellen van de akte, die voor rekening van de eisende partij komen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de overige vorderingen zijn afgewezen.