Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2025:14586

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
11 december 2025
Publicatiedatum
11 december 2025
Zaaknummer
371129
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 10:56 BWArt. 555 e.v. Wetboek van RechtsvorderingArt. 444 Wetboek van Rechtsvordering
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vordering tot ontruiming woning na echtscheiding toegewezen in kort geding

Partijen, beiden van Eritrese nationaliteit en voormalig gehuwd, zijn na hun echtscheiding in 2021 overeengekomen dat de vrouw huurster is van de woning te [plaats]. Na verzoening keerde de man terug in de woning, maar de relatie is inmiddels weer verbroken.

De vrouw vordert in kort geding dat de man de woning binnen zeven dagen verlaat en de sleutels overhandigt, met een ontruimingsbevel door de deurwaarder indien nodig. De voorzieningenrechter stelt vast dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en Nederlands recht van toepassing is.

Er is sprake van een spoedeisend belang, omdat de vrouw geen uitkering meer ontvangt en de gemeente onduidelijkheid heeft over de bewoning. De man heeft erkend niet opnieuw in de woning te zullen komen.

De voorzieningenrechter veroordeelt de man om de woning niet opnieuw te betreden en de sleutels aan de vrouw of haar advocaat te geven. Indien hij dit niet naleeft, kan hij met behulp van de sterke arm worden verwijderd. Iedere partij draagt eigen kosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De man is veroordeeld om de woning te verlaten en de sleutels aan de vrouw te overhandigen, met ontruiming door deurwaarder indien nodig.

Uitspraak

RECHTBANK Noord-Holland

Civiel recht
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: C/15/371129 / KG ZA 25-680
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak in kort geding van 11 december 2025
in de zaak van
[de vrouw],
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: de vrouw,
advocaat: mr. A.C. Mens,
tegen
[de man],
te [plaats] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: de man,
in persoon.
Het kort geding wordt gehouden in het gebouw van de rechtbank in Haarlem.
De zaak wordt behandeld door mr. A.H. Schotman, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M. van Rijn - van Zanten als griffier.
Aanwezig zijn:
- mw. A.B. Gebremariam, bijgestaan door mr. Mens voornoemd;
- dhr. Z.M. Gebrehaymanot in persoon.
Tevens is aan de kant van de vrouw een tolk aanwezig, [tolk]. De vrouw heeft verklaard er geen bezwaar tegen te hebben dat hij ook voor de man als tolk optreedt.
Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de voorzieningenrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.

1.De uitgangspunten

1.1.
Partijen hebben de Eritrese nationaliteit.
1.2.
Partijen zijn gehuwd geweest. Het huwelijk is ontbonden door inschrijving van de echtscheidingsbeschikking van de rechtbank Noord- Holland, locatie Haarlem van 21 juli 2021 (hierna: de beschikking) in de registers van de burgerlijke stand op 13 augustus 2021.
1.3.
In de beschikking is bepaald dat de vrouw huurster zal zijn van de woning te [plaats] , gemeente [gemeente] aan de [adres] (hierna: de woning) met ingang van de dag waarop de echtscheiding is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.
1.4.
Enige tijd na de echtscheiding hebben partijen zich weer verzoend en is de
man teruggekeerd in de woning. De relatie tussen partijen is al ruim een jaar weer verbroken. De vrouw ontvangt al drie maanden geen uitkering meer, omdat voor de gemeente onduidelijk is of de man nog in de woning verblijft.

2.De vordering

2.1.
De vrouw vordert om bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, de man te veroordelen om de woning te [plaats] , gemeente [gemeente] aan de [adres], binnen zeven dagen na betekening van het te wijzen vonnis te verlaten en door overgave van de sleutels ter vrije en algehele beschikking van de vrouw te stellen, welke ontruiming zo nodig door de deurwaarder bewerkstelligd kan worden met behulp van de sterke arm conform het in artikel 555 e.v. jo 444 Wetboek rechtsvordering bepaalde, met veroordeling van de man in de kosten van de procedure.

3.De beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
3.1.
Omdat partijen beiden de Eritrese nationaliteit hebben, heeft de zaak een internationaal karakter. De rechtbank moet daarom eerst vaststellen of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft om te beslissen op de vordering en welk recht van toepassing is.
3.2.
Omdat de vordering voortvloeit uit de beschikking op het destijds ingediende verzoekschrift tot echtscheiding en de gewone verblijfplaats van partijen zich in Nederland bevond, komt de Nederlandse rechter rechtsmacht toe om hierover te oordelen en is op grond van artikel 10:56 van Pro het Burgerlijk Wetboek Nederlands recht van toepassing.
Spoedeisend belang
3.3.
Een procedure bij de voorzieningenrechter is een spoedprocedure. Een voorlopige voorziening kan alleen worden getroffen als er een spoedeisend belang is, waardoor iemand niet kan wachten op een beslissing op een bodemprocedure. Als uitgangspunt geldt bovendien dat in deze procedure geen plaats is voor bewijslevering.
3.4.
Het spoedeisend belang is naar het oordeel van de voorzieningenrechter gelet op de aard van de vordering gegeven, zodat aan een inhoudelijke beoordeling wordt toegekomen.
Verlaten van de woning
3.5.
De voorzieningenrechter stelt vast dat de vrouw het huurrecht van de woning heeft.
De rechten die de man had als gevolg van het huwelijk, zijn als gevolg van en de beslissing van de rechter die de echtscheiding heeft uitgesproken en de inschrijving van de echtscheiding opgehouden. Dat betekent dat de man geen recht heeft om nog langer in de woning te verblijven als de vrouw wenst dat hij vertrekt.
Dat heeft de voorzieningenrechter aan de man op de zitting uitgelegd, en hij is het er ook mee eens en heeft gezegd dat hij niet opnieuw in de woning zal komen.
3.6.
Omdat de vrouw heeft gezegd dat er een vonnis nodig is om de gemeente er van te overtuigen dat de man niet langer in de woning woont, heeft zij belang bij de volgende beslissing.
3.7.
Er volgt geen proceskostenveroordeling.

4.De beslissing

De voorzieningenrechter
4.1.
veroordeelt de man om vanaf heden de woning te [plaats] , gemeente [gemeente] aan de [adres] niet opnieuw te betreden en de sleutels van die woning aan de vrouw of aan haar advocaat af te geven,
4.2.
bepaalt dat de man door de deurwaarder met behulp van de sterke arm kan worden verwijderd indien hij dit vonnis niet nakomt,
4.3.
compenseert de kosten van de procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
4.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
4.5.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. A.H. Schotman en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de voorzieningenrechter.