ECLI:NL:RBNHO:2025:15044
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in bestuursrechtelijke hoofdzaak
Verzoekster heeft op 10 december 2025 tijdens een zitting een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die de bestuursrechtelijke hoofdzaak behandelt. Zij stelde dat zij alleen wilde deelnemen aan de zitting indien zij beschikte over een BRP-uittreksel en dat zij onvoldoende gelegenheid had gekregen haar verhaal te doen, omdat de rechter vooral met de gemeente sprak.
De wrakingskamer overwoog dat een wrakingsverzoek alleen gegrond kan zijn indien er feiten of omstandigheden zijn die de onpartijdigheid van de rechter aantasten. Procesbeslissingen, zoals het niet verstrekken van een BRP-uittreksel, kunnen niet worden aangegrepen als grond voor wraking. Dit volgt uit vaste rechtspraak en het gesloten stelsel van rechtsmiddelen.
Verder heeft de wrakingskamer geoordeeld dat de rechter tijdens de zitting de regie voert en dat het binnen haar discretionaire bevoegdheid valt om te bepalen met wie zij spreekt en welke vragen zij stelt. Uit het proces-verbaal bleek dat verzoekster voldoende gelegenheid heeft gehad om te reageren en dat de rechter ook kritische vragen aan de gemeente stelde.
Gezien het voorgaande kon het wrakingsverzoek niet worden toegewezen. Tevens werd vastgesteld dat sprake was van misbruik van het wrakingsrecht, omdat verzoekster al eerder zonder gegronde reden een wrakingsverzoek had ingediend. Daarom werd bepaald dat een volgend wrakingsverzoek van verzoekster in deze hoofdzaak niet in behandeling wordt genomen.
De wrakingskamer wees het verzoek af, beval de voortzetting van de hoofdzaak in de oorspronkelijke stand en bepaalde dat een gewaarmerkt afschrift van de beslissing aan alle betrokken partijen wordt toegezonden.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen en de hoofdzaak wordt voortgezet in de oorspronkelijke stand.