Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
mr. E. Jonker. De wrakingskamer beschouwt het verzoek daarom als mede te zijn gericht tegen mr. Jonker, die hierna zal worden aangeduid als: “de aanhoudingsrechter”.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
Verzoekster heeft op 12 december 2025 een wrakingsverzoek ingediend tegen twee rechters van de rechtbank Noord-Holland, nadat haar verzoek tot aanhouding van de mondelinge behandeling van een kortgedingprocedure was afgewezen. Het kort geding betreft een vordering tot afgifte van minderjarige kinderen.
De wrakingskamer overweegt dat wraking alleen mogelijk is bij feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de rechter aantasten. Het enkel niet eens zijn met een rechterlijke procesbeslissing, zoals de afwijzing van een aanhoudingsverzoek, vormt geen grond voor wraking. Wraking is geen verkapt middel tegen onwelgevallige procedurele beslissingen.
Daarom wordt het wrakingsverzoek als kennelijk ongegrond afgewezen. De procedure in de hoofdzaak wordt voortgezet zoals deze was voor het wrakingsverzoek. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen omdat het gebaseerd is op een rechterlijke procesbeslissing die niet via wraking kan worden aangevochten.