Op 22 december 2025 heeft de Rechtbank Noord-Holland uitspraak gedaan in een kort geding tussen Woningstichting Van Alckmaer voor Wonen (eiser) en een huurder (gedaagde) betreffende de ontruiming van een sociale huurwoning in Alkmaar. De huurder erkende dat hij zijn woning ter beschikking had gesteld aan een sekswerker voor prostitutiedoeleinden, wat in strijd is met de huurovereenkomst en de algemene huurvoorwaarden die elke vorm van prostitutie verbieden. De woningcorporatie stelde dat dit een ernstige tekortkoming is die recht geeft op ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de woning.
De huurder voerde verweer door te stellen dat hij geen overlast had veroorzaakt, geen intentie had om illegale activiteiten te faciliteren en dat hij de situatie direct had beëindigd na constatering. Ook wees hij op zijn financiële problemen en spijt over zijn handelen. De kantonrechter oordeelde echter dat het gebruik van een sociale huurwoning voor illegale prostitutie een ernstige tekortkoming vormt, ongeacht de intentie of het ontbreken van overlast. De huurder was niet als goed huurder te beschouwen en de omstandigheden rechtvaardigen ontbinding van de huurovereenkomst.
De kantonrechter nam ook het belang van de woningcorporatie mee, die zorg draagt voor leefbaarheid en rechtvaardige verdeling van sociale huurwoningen. De vordering tot ontruiming werd toegewezen en de huurder werd veroordeeld tot ontruiming binnen 10 dagen na betekening en tot betaling van proceskosten van €958,89. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.