ECLI:NL:RBNHO:2025:15477

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
19 november 2025
Publicatiedatum
5 januari 2026
Zaaknummer
11810899 \ CV EXPL 25-4829
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Procedures
  • Bodemzaak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding koopovereenkomst en schadevergoeding na non-conformiteit van een tweedehands auto

In deze zaak heeft eiser, een consument, een tweedehands auto van het merk Volkswagen, type Tiguan, gekocht van gedaagde, een bedrijf. Na de aankoop heeft eiser de koopovereenkomst ontbonden, omdat de auto technische problemen vertoonde. De kantonrechter oordeelt dat eiser zich niet aan zijn klachtplicht heeft gehouden, waardoor de ontbinding niet rechtsgeldig is. De vorderingen van eiser tot schadevergoeding worden afgewezen, omdat gedaagde niet in verzuim verkeert. In reconventie vordert gedaagde de verwijdering van een negatieve recensie die door de broer van eiser is geplaatst. De kantonrechter verklaart gedaagde niet-ontvankelijk in deze vordering, omdat niet is komen vast te staan dat eiser betrokken was bij het plaatsen van de recensie. De proceskosten worden toegewezen aan gedaagde, terwijl eiser in de kosten wordt veroordeeld.

Uitspraak

RECHTBANKNOORD-HOLLAND
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Haarlem
Zaaknummer: 11810899 \ CV EXPL 25-4829
Vonnis van 19 november 2025
in de zaak van
[eiser],
te [plaats 1],
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiser],
gemachtigde: mr. P.P. Klokkers,
tegen
[gedaagde],handelend onder de naam
[bedrijf],
te [plaats 2],
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [bedrijf],
procederend in persoon.
De zaak in het kort[eiser] heeft van [bedrijf] een auto gekocht. [eiser] heeft de koopovereenkomst tussen partijen ontbonden. De kantonrechter concludeert dat [eiser] zich daarbij niet aan zijn klachtplicht heeft gehouden, zodat van ontbinding geen sprake kan zijn. De vorderingen die betrekking hebben op de ontbinding zijn daarom niet toewijsbaar. De vorderingen van [eiser] die zien op schadevergoeding zijn evenmin toewijsbaar, omdat [bedrijf] niet in verzuim verkeert.
In reconventie vordert [bedrijf] verwijdering van de recensie met één ster. [bedrijf] is niet-ontvankelijk in zijn vordering, omdat deze recensie is gemaakt en geplaatst door de broer van [eiser] en niet vast is komen te staan dat [eiser] daar op enigerlei bij betrokken is geweest.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 11 juli 2025
- het mondelinge antwoord van 27 augustus 2025, waarbij verschillende schriftelijke stukken zijn overgelegd
- het tussenvonnis van 10 september 2025
- de mondelinge behandeling van 23 oktober 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt
- de pleitaantekeningen die zijdens [eiser] zijn overgelegd.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De feiten

2.1.
[eiser] heeft een personenwagen van het merk Volkswagen, type Tiguan, met het kenteken [kenteken] (hierna: de auto) van [bedrijf] gekocht voor een bedrag van € 7.480,00, welke prijs bestaat uit de koopprijs van € 7.445,00 en € 35,00 administratiekosten.
2.2.
De auto betreft een tweedehands auto uit 2008. Bij aankoop was sprake van een kilometerstand van 168.000 kilometer. Uit het RDW-Voertuigenrapport van 28 maart 2025 volgt dat de auto op 20 maart 2025 APK is gekeurd en is goedgekeurd.
2.3.
Na aankoop had de auto technische problemen die zich uitten in het ‘stotteren’ van de auto tijdens het rijden. [eiser] heeft de auto ter reparatie aangeboden aan [bedrijf]. [bedrijf] heeft op 8 mei 2025 een bobine in de auto (laten) vervangen.
2.4.
Op het werkplaatsrapport van 8 mei 2025 staat:

[kenteken]VW Tiguan(…)
8-5-25(…)
Te verrichten werkzaamhedenStoring motor!Motor uitgelezen = foutcode P0303Cyl. 3 Bobine vervangenNa proefrit uitgelezen = geen foutcodes!
2.5.
In de e-mail van 29 mei 2025 van [eiser] aan [bedrijf] staat:

Geacht heer, mevrouw,Op 12-04-2025 kocht ik bij u een auto van het merk Volkswagen, type Tiguan 5N 2008 kenteken: [kenteken] voor € 7.480,00.Helaas voldoet het product niet aan mijn verwachtingen.Het product ging helaas al na 2 weken stuk. Nu ook na reparatie zijn er nog steeds defectenHet gaat om het volgende: Na de reparatie van de bobines geeft het voertuig weer defecten. Zo komt het regelmatig voor dat ik niet kan wegrijden omdat de deursensor een storing geeft.Begeeft de cruise control het op willekeurige momenten. rammelt en stottert de auto bij het optrekken.Eerder vroeg ik u om het product te repareren. Tot nu toe heeft dat geen effect gehad.Hierbij ontbind ik de koopovereenkomst. U moet dan het aankoopbedrag aan mij terugbetalen(…)”.
2.6.
In de e-mail van 2 juni 2025 10:48 van [bedrijf] aan [eiser] staat:

Goedemorgen [eiser],Bedankt voor je mail en jammer dat je ons/mij niet eerst even gebeld hebt maar meteen deze mail stuurt.(…)
Een deur sensor is niet zo heel spannend en gaan wij uiteraard voor je oplossen.(…)
Ik vind het ook nog steeds heel apart dat jouw broer een slechte (zeer slechte) review heeft geplaatst waar jij je excuus voor aanbood. Plan een afspraak in met mij als het je uitkomt.(…)”.
2.7.
In de e-mail van 2 juni 2025 12:32 van [eiser] aan [bedrijf] staat:

Geachte heer [gedaagde],Ik heb het vermoeden dat mijn vorige bericht niet volledig duidelijk is overgekomen. Het gaat hier om meerdere defecten aan het voertuig, die het rijden onveilig maken of zelfs onmogelijk.(…)
Ik hoor graag van u wanneer ik het voertuig bij u kan afleveren, zodat we tot een passende oplossing kunnen komen, waaronder restitutie van het aankoopbedrag. Ik heb u eerder de gelegenheid geboden om het voertuig te herstellen, maar helaas is dit niet succesvol gebleken. (…) Ten aanzien van uw opmerking over mijn broer: hij heeft uit eigen beweging contact opgenomen met uw klantenservice en is, net als ik, op een onprettige en onredelijke manier te woord gestaan. Ik zie dan ook geen reden om hiervoor mijn excuses aan te bieden. Het is juist opmerkelijk dat u mij telefonisch benadert met het verzoek om een review te verwijderen.(…)”.
2.8.
Op een schermafbeelding die van de review is gemaakt is te zien dat de reviewer één van de vijf sterren geeft. Verder staat in de review:

Auto toont defecten na één week. Klantgerichtheid is hier ver te zoeken. Tijdens contact stelt personeel zich schreeuwend en agressief op. Wilt absoluut niet naar de klant luisteren.

3.Het geschil

in conventie
3.1.
[eiser] vordert – voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad – dat de kantonrechter:
- voor recht verklaart dat de koopovereenkomst tussen partijen zal zijn ontbonden;
- [bedrijf] veroordeelt tot betaling van € 7.445,00 binnen drie dagen na betekening van dit vonnis, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 11 juli 2025 tot aan de dag der algehele voldoening;
- [eiser] na ontvangst van € 7.445,00 gelast tot afgifte van de auto aan [bedrijf];
- voor recht verklaart dat [bedrijf] jegens [eiser] schadeplichtig is, waarbij de schade nader moet worden opgemaakt bij staat;
- [bedrijf] veroordeelt tot betaling van € 40,00 per dag vanaf 11 juli 2025 tot en met de dag waarop de ongedaanmakingsverplichting is nagekomen;
- [bedrijf] veroordeelt tot betaling van € 181,50 aan buitengerechtelijke incassokosten;
- [bedrijf] veroordeelt in de proceskosten.
3.2.
[eiser] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. [bedrijf] is tekortgeschoten in de nakoming van de tussen partijen gesloten overeenkomst door [eiser] een non-conforme auto te leveren. [eiser] heeft [bedrijf] in de gelegenheid gesteld het ‘stotteren’ van de auto te herstellen. Dit herstel heeft niet tot het gewenste resultaat geleid. [eiser] heeft de overeenkomst ontbonden [1] , zodat [bedrijf] gehouden is tot terugbetaling van het aankoopbedrag. Verder vordert [eiser] schadevergoeding [2] .
Vooruitlopend op de schadestaatprocedure vordert [eiser] € 40,00 per dag dat [bedrijf] niet aan zijn ongedaanmakingsverplichting voldoet. Deze schade zal [eiser] in ieder geval lijden door de kosten voor vervangend vervoer.
3.3.
[bedrijf] voert verweer. Hij voert aan dat [eiser] de overeenkomst heeft ontbonden zonder [bedrijf] in de gelegenheid te stellen eventuele gebreken aan de auto te herstellen. [bedrijf] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [eiser], met veroordeling van [eiser] in de kosten van deze procedure.
3.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
in reconventie
3.5.
Uit het mondeling antwoord en hetgeen [bedrijf] tijdens de mondelinge behandeling naar voren heeft gebracht, begrijpt de kantonrechter dat [bedrijf] een reconventionele vordering wenst in te stellen, waarbij hij verwijdering van de review met één ster vordert.
3.6.
[bedrijf] legt aan de vordering het volgende ten grondslag. De review is door [betrokkene], de broer van [eiser], geschreven binnen vierentwintig uur nadat [bedrijf] de auto op 8 mei 2025 had hersteld. [bedrijf] heeft last van deze slechte review, omdat klanten hem vragen stellen over de inhoud daarvan. De review is onterecht en schadelijk voor [bedrijf].
3.7.
[eiser] voert verweer. [eiser] voert aan hij niet betrokken is geweest bij het schrijven van de review. Evenmin heeft de review betrekking op zijn persoonlijke ervaringen. De review is gebaseerd op de ervaring van zijn broertje, die de klantenservice van [bedrijf] telefonisch heeft gesproken en toen zeer agressief is behandeld. [eiser] concludeert tot niet-ontvankelijkheid van [bedrijf], dan wel tot afwijzing van de vorderingen van [bedrijf], met veroordeling van [bedrijf] in de kosten van deze procedure.
3.8.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

in conventie
Juridisch kader
4.1.
Tussen partijen is een koopovereenkomst tot stand gekomen. Vanwege de positie van partijen is sprake van consumentenkoop.
4.2.
Een afgeleverde (gekochte) zaak – in dit geval de auto – moet aan de overeenkomst voldoen. [3] Een zaak voldoet niet aan de overeenkomst als zij, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper ([bedrijf]) daarover heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper ([eiser]) op grond van de overeenkomst mocht verwachten. [4] Als een zaak niet aan de overeenkomst voldoet, dan heeft de koper in principe recht op aflevering van het ontbrekende, herstel of vervanging [5] , oftewel; de koper heeft dan een vordering tot nakoming. Als herstel of vervanging niet mogelijk is of in redelijkheid niet van de verkoper kan worden verlangd, dan kan de koper de overeenkomst (al dan niet gedeeltelijk) ontbinden [6] . De stelplicht en bewijslast dat sprake is van een non-conformiteit rust op [eiser].
4.3.
Vóórdat een koper deze rechten kan inroepen, moet hij de verkoper binnen bekwame tijd in kennis stellen van de gebreken (de klachtplicht). [7] De verkoper moet namelijk in de gelegenheid worden gesteld om gebreken te herstellen.
[eiser] heeft niet voldaan aan de klachtplicht
4.4.
Volgens [eiser] is sprake van diverse gebreken aan de auto, waaronder (1) het ‘stotteren’ van de auto tijdens het rijden, (2) een defect in de deursensor en (3) een defect in de cruise control.
4.5.
[eiser] heeft bij [bedrijf] geklaagd over het stotteren van de auto en heeft de auto ter reparatie aangeboden. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [bedrijf] toegelicht dat de auto meerdere bobines heeft. [bedrijf] heeft de auto op 8 mei 2025 met een computer uitgelezen, wat inhoudt dat de computer alle fouten die de auto heeft (zoals fouten aan de versnellingsbak, remmen, motor, etc.) weergeeft. Daaruit bleek dat bobine nummer drie in de auto gebreken vertoonde. Deze bobine is vervangen, waarna er een testrit met de auto is gemaakt en de auto opnieuw met een computer is uitgelezen. De computer gaf aan dat de auto geen foutmeldingen meer aangaf. Dit volgt volgens [bedrijf] ook uit het ten aanzien van deze reparatie opgestelde werkplaatsrapport. Ter onderbouwing heeft [bedrijf] het werkplaatsrapport van 8 mei 2025 overgelegd, waarin staat “
Na proefrit uitgelezen = geen foutcodes!”. Verder voert [bedrijf] nog aan dat de auto vlak voor verkoop is gekeurd, en dat alle bobines in de auto op dat moment nog goed functioneerden. Ter onderbouwing heeft [bedrijf] een RDW-Voertuigenrapport van 28 maart 2025 overgelegd, waaruit volgt dat de auto op 20 maart 2025 is goedgekeurd.
4.6.
[eiser] heeft tijdens de mondelinge behandeling desgevraagd verklaard dat de auto een maand na de herstelwerkzaamheden van 8 mei 2025 weer problemen vertoonde. Hij heeft op 7 juni 2025 daarover geklaagd bij [bedrijf], waarbij hij tevens heeft geklaagd over het defect in de deursensor en de cruise control.
4.7.
Zoals hiervoor is overwogen, kan een koper bepaalde rechten inroepen tegen de verkoper, maar daarvoor moet hij wel tijdig hebben geklaagd. Dat is hier niet gebeurd. Hoewel [eiser] eerder heeft geklaagd over het ‘stotteren’ van de auto, heeft [bedrijf] concreet aangevoerd en onderbouwd dat dit gebrek op 8 mei 2025 is hersteld. Daarbij komt dat [eiser] tijdens de mondelinge behandeling heeft bevestigd dat de auto na dit herstel minstens een maand goed heeft gefunctioneerd. De gebreken aan bobine nummer 3 zijn dus deugdelijk hersteld en spelen niet mee bij de vraag of [eiser] tijdig heeft geklaagd over de gebreken zoals genoemd in overweging 4.4.
4.8.
Niet is gebleken dat [eiser] ná 8 mei 2025 en voorafgaand aan 29 mei 2025 bij [bedrijf] heeft geklaagd over de in overweging 4.4. genoemde gebreken. Dit leidt tot de conclusie dat [eiser] niet aan zijn klachtplicht heeft voldaan. Waarom het van belang is dat [eiser] vóór 29 mei 2025 moest hebben geklaagd, wordt hierna besproken.
[eiser] is op 29 mei 2025 ten onrechte overgegaan tot ontbinding
4.9.
De eerste vraag is of [eiser] de overeenkomst op 29 mei 2025 heeft ontbonden. Volgens [eiser] is dit niet het geval; hij had met de e-mail van 29 mei 2025 slechts de bedoeling om het voornemen om tot ontbinding over te gaan uit te spreken. De kantonrechter gaat hieraan voorbij. Uit het e-mailbericht volgt immers ondubbelzinnig: “
Hierbij ontbind ik de koopovereenkomst. U moet dan het aankoopbedrag aan mij terugbetalen”. [eiser] is dus op 29 mei 2025 overgegaan tot ontbinding van de overeenkomst.
4.10.
De volgende vraag is of [eiser] op dat moment tot ontbinding had mogen overgaan. De kantonrechter oordeelt van niet. Het wettelijk systeem zit zo in elkaar dat [eiser] [bedrijf] eerst in de gelegenheid had moeten stellen de gebreken genoemd in overweging 4.4. op te lossen. De klachtplicht geldt immers ook indien de zaak na herstelwerkzaamheden opnieuw aan de koper is afgeleverd [8] . Pas als [bedrijf] daar niet toe bereid was of een herstelpoging niet zou slagen, zou [eiser] de mogelijkheid hebben de koopovereenkomst te ontbinden. Door de overeenkomst te ontbinden zonder eerst te klagen, heeft hij [bedrijf] niet de gelegenheid gegeven de gebreken te herstellen. Dat betekent dat ontbinding en restitutie van de koopprijs niet aan de orde kunnen zijn. De vorderingen die betrekking hebben op de ontbinding van de koopovereenkomst en de gevolgen daarvan zijn daarom niet toewijsbaar. Dat [eiser] op 7 juni 2025 heeft geklaagd over de gebreken zoals genoemd in overweging 4.4., leidt niet tot een ander oordeel omdat de koopovereenkomst toen al door [eiser] was ontbonden.
[eiser] heeft geen recht op schadevergoeding
4.11.
[eiser] vordert ook schadevergoeding wegens wanprestatie dan wel onrechtmatige daad. Nog daargelaten of daarvan sprake is, geldt voor het recht op schadevergoeding in beginsel dat de aansprakelijke partij ([bedrijf]) in verzuim moet zijn. Daarvoor is – uitzonderingen, waarvan hier geen sprake is, daargelaten – een ingebrekestelling nodig. Vaststaat dat [eiser] [bedrijf] niet in gebreke heeft gesteld, zodat voor een schadevergoeding geen plaats is. De vorderingen die betrekking hebben op een schadevergoeding zijn daarom niet toewijsbaar.
[eiser] wordt veroordeeld in de kosten
4.12.
[eiser] zal in het ongelijk gesteld worden en moet daarom de proceskosten van [bedrijf] betalen. De proceskosten van [bedrijf] worden omdat hij geen gemachtigde heeft ingeschakeld begroot op € 50,00.
in reconventie
[bedrijf] is niet-ontvankelijk in zijn vordering
4.13.
Vaststaat dat [betrokkene], de broer van [eiser], de review heeft geplaatst waarvan [bedrijf] nu verwijdering vordert. [eiser] heeft desgevraagd tijdens de mondelinge behandeling verklaard dat hij niet betrokken is geweest bij het schrijven en plaatsen van deze review.
4.14.
De kantonrechter concludeert dat [bedrijf] niet-ontvankelijk moet worden verklaard in zijn vordering, omdat [betrokkene] de partij is die [bedrijf] had moeten aanspreken op verwijdering van de review en niet vaststaat dat [eiser] op enigerlei bij het schrijven dan wel plaatsen van de review betrokken is geweest.
[bedrijf] wordt veroordeeld in de kosten
4.15.
[bedrijf] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. Nu eerst op de mondelinge behandeling is verduidelijkt dat sprake is van een eis in reconventie en [eiser] uitsluitend tijdens die mondelinge behandeling op deze eis heeft gereageerd, worden de proceskosten aan de zijde van [eiser] vastgesteld op nihil.

5.De beslissing

De kantonrechter
in conventie
5.1.
wijst de vorderingen van [eiser] af,
5.2.
veroordeelt [eiser] in de proceskosten van 50,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,
in reconventie
5.4.
verklaart [bedrijf] niet-ontvankelijk in zijn vordering,
5.5.
veroordeelt [bedrijf] in de proceskosten, welke aan de zijde van [eiser] zijn vastgesteld op nihil.
Dit vonnis is gewezen door mr. S. Kleij en in het openbaar uitgesproken op 19 november 2025.

Voetnoten

1.Artikel 7:22 lid 1 sub a in samenhang met artikel 7:21 lid 3 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW).
2.Op grond van artikel 6:74 BW, dan wel artikel 6:162 BW.
3.Artikel 7:17 lid 1 BW.
4.Artikel 7:17 lid 2 BW.
5.Artikel 7:21 BW.
6.Artikel 7:22 BW.
7.Artikel 7:23 BW.
8.Zie het arrest van de Hoge Raad van 29 juni 2007, ECLI:NL:HR:2007:AZ4850.