Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
18 juli 2025;
4 december 2025. Hiervan zijn aantekeningen gemaakt. Tijdens deze behandeling zijn via (video)bellen gehoord:
2.Waar gaat het over?
12 april 2024.
Rechtbank Noord-Holland
De vrouw en de man zijn van 26 juli 2019 tot 12 april 2024 getrouwd geweest. De vrouw verzocht de rechtbank om vaststelling van een eenmalige geldsom van €38.322 of subsidiair een maandelijkse partneralimentatie van €1.369 bruto vanaf 12 april 2024.
De man betwistte de behoefte van de vrouw en stelde dat zij onvoldoende onderbouwing had geleverd en dat hij de gevraagde bedragen niet kan betalen. Tijdens de mondelinge behandeling op 4 december 2025 werden de standpunten van partijen besproken.
De rechtbank oordeelde dat de vrouw haar behoefte onvoldoende had gemotiveerd. Zij had alleen een jaaropgave 2024 overgelegd met een inkomen van €25.036, maar geen informatie verstrekt over de omvang van haar dienstverband, ander inkomen of haar inkomenssituatie in 2025. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of zij haar verdiencapaciteit volledig benut.
De enkele verklaring van de vrouw dat zij 40,5 uur per week werkt en haar verdiencapaciteit benut, was onvoldoende onderbouwd met stukken. De rechtbank wees daarom het verzoek om partneralimentatie af en liet alle overige stellingen onbesproken.
De beschikking werd op 11 december 2025 in het openbaar uitgesproken door rechter M.P. den Hollander.
Uitkomst: Het verzoek van de vrouw om wijziging van partneralimentatie wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing van haar behoefte.