De passagier had een vervoersovereenkomst voor een vlucht van Bangkok naar Parijs en vervolgens naar Amsterdam. Door sluiting van het Indiase luchtruim dreigde vertraging waardoor zij haar overstap zou missen en in Parijs zou stranden.
Om dit te voorkomen is zij preventief omgeboekt op een alternatieve vlucht rechtstreeks van Bangkok naar Amsterdam, waar zij mee instemde. De passagier verzocht compensatie wegens instapweigering op de oorspronkelijke vlucht op basis van Verordening (EG) nr. 261/2004.
De kantonrechter stelt dat instapweigering alleen geldt als passagiers zich melden voor instap en tegen hun wil de toegang wordt geweigerd. Nu de passagier vrijwillig instemde met de omboeking en niet tegen haar wil werd geweigerd, is geen instapweigering aanwezig.
Daarom wordt het verzoek tot compensatie afgewezen. De passagier wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten en nakosten. Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open.