Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.De standpunten
4.Het oordeel van de rechtbank
where is the fucking money’. De telefoon waarmee [benadeelde 1] naar het noodnummer probeert te bellen, wordt door deze persoon kapot gegooid.
where is the fucking money’. [medeverdachte 1] is tegelijkertijd met [medeverdachte 2] in de badkamer boven geweest en droeg een vuurwapen bij zich. [verdachte] , [medeverdachte 4] en [medeverdachte 3] zijn beneden in de woning geweest en hebben daar ieder de hiervoor beschreven geweldshandelingen verricht jegens [benadeelde 8] , [benadeelde 2] en [benadeelde 4] waarbij zij in verschillende bewoordingen naar de aanwezigheid van geld hebben gevraagd.
5.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
6.Strafbaarheid van de verdachte
7.Motivering van de sanctie
8.Het beslag
9.De vorderingen van de benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel
ten minste25% van het bedrijfsresultaat bedroeg. De benadeelde partij heeft weliswaar zijn primaire vordering gebaseerd op een winstaandeel van 30% in 2024, maar de verdediging heeft voldoende gemotiveerd betwist dat dit percentage van 30% in 2024 van toepassing zou zijn geweest, in afwijking van de in het vennootschapscontract genoemde en in 2023 toegepaste percentages. Of de benadeelde partij in 2024 anders dan in 2023 en in afwijking van het vennootschapscontract recht had op een winstaandeel van 30%, vergt nader debat tussen partijen en, afhankelijk van de daarbij door partijen in te nemen standpunten, eventueel bewijsvoering. Een dergelijk debat, en eventuele bewijsvoering, zou echter een onevenredige belasting van het strafproces opleveren. Eigen onderzoek van de rechtbank ten aanzien van dit geschilpunt ter compensatie daarvan is niet mogelijk. De benadeelde partij is in zijn primaire vordering, gebaseerd op een winstaandeel in 2024 van 30%, daarom niet ontvankelijk.
ten minste25% van het bedrijfsresultaat bedroeg. De benadeelde partij heeft weliswaar zijn primaire vordering gebaseerd op een winstaandeel van 30% in 2024, maar de verdediging heeft voldoende gemotiveerd betwist dat dit percentage van 30% in 2024 van toepassing zou zijn geweest, in afwijking van de in het vennootschapscontract genoemde en in 2023 toegepaste percentages. Of de benadeelde partij in 2024 anders dan in 2023 en in afwijking van het vennootschapscontract recht had op een winstaandeel van 30%, vergt nader debat tussen partijen en, afhankelijk van de daarbij door partijen in te nemen standpunten, eventueel bewijsvoering. Een dergelijk debat, en eventuele bewijsvoering, zou echter een onevenredige belasting van het strafproces opleveren. Eigen onderzoek van de rechtbank ten aanzien van dit geschilpunt ter compensatie daarvan is niet mogelijk. De benadeelde partij is in zijn primaire vordering, gebaseerd op een winstpercentage in 2024 van 30%, daarom niet ontvankelijk.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
vier (4) jaar.
maatregel als bedoeld in artikel 38v Srinhoudende dat de verdachte voor de duur van vijf jaren op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met:
- [benadeelde 8] , geboren [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 2] ;
- [benadeelde 2] , geboren [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 3] ;
- [benadeelde 1] , geboren [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 4] ;
- [benadeelde 4] , geboren [geboortedatum 5] te [geboorteplaats 5] ;
- [benadeelde 5] , geboren [geboortedatum 6] ;
dadelijk uitvoerbaaris.
verbeurd:
€ 27.391,25 (zevenentwintigduizend driehonderdeenennegentig euro en vijfentwintig eurocent), bestaande uit € 18.391,25 als vergoeding voor de materiële en € 9.000,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag.
€ 27.391,25wordt vermeerderd met de wettelijke rente:
- over een bedrag van € 275,10 met ingang van 29 augustus 2024;
- over een bedrag van € 1.079,25 met ingang van 10 mei 2024;
- over een bedrag van € 356,80 met ingang van 9 mei 2024;
- over een bedrag van € 16.680,10 met ingang van 1 juli 2024;
- over een bedrag van € 9.000,00 met ingang van 6 januari 2024
tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 26.728,94 (zesentwintigduizend zevenhonderdachtentwintig euro en vierennegentig eurocent), bestaande uit € 17.728,94 als vergoeding voor de materiële en € 9.000,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag.
€ 26.728,94wordt vermeerderd met de wettelijke rente:
- over een bedrag van € 385,00 met ingang van 28 maart 2024;
- over een bedrag van € 750,00 met ingang van 15 januari 2025;
- over een bedrag van € 382,80 met ingang van 6 december 2024;
- over een bedrag van € 16.211,14 met ingang van 1 juli 2024;
- over een bedrag van € 9.000,00 met ingang van 6 januari 2024
tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 10.365,22 (tienduizend driehonderdvijfenzestig euro en tweeëntwintig eurocent), bestaande uit € 1.365,22, als vergoeding voor de materiële en € 9.000,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag.
€ 10.365,22wordt vermeerderd met de wettelijke rente:
- over een bedrag van € 107,57 met ingang van 29 augustus 2024;
- over een bedrag van € 1.079,25 met ingang van 10 mei 2024;
- over een bedrag van € 178,40 met ingang van 9 mei 2024;
- over een bedrag van € 9.000,00 met ingang van 6 januari 2024;
tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 5.635,00 (vijfduizend zeshonderdvijfendertig euro), bestaande uit € 1.135,00, als vergoeding voor de materiële en € 4.500,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag.
€ 5.635,00wordt vermeerderd met de wettelijke rente:
- over een bedrag van € 385,00 met ingang van 28 maart 2024;
- over een bedrag van € 750,00 met ingang van 15 januari 2025;
- over een bedrag van € 4.500,00 met ingang van 6 januari 2024;
tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 30.600,00 (dertigduizend zeshonderd euro), bestaande uit € 21.600,00, als vergoeding voor de materiële en € 9.000,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag.
€ 30.600,00wordt vermeerderd met de wettelijke rente:
- over een bedrag van € 21.600,00 met ingang van 1 september 2024;
- over een bedrag van € 9.000,00 met ingang van 6 januari 2024;
tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 1.500,00 (vijftienhonderd euro), als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 6 januari 2024 tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 3.600,00 (drieduizend zeshonderd euro), als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 6 januari 2024 tot aan de dag der algehele voldoening.