De gecertificeerde instelling De Jeugd- & Gezinsbeschermers verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling van een minderjarige, die sinds juli 2024 geheel bij haar vader verblijft. De machtiging tot uithuisplaatsing werd door de GI ingetrokken.
De minderjarige ontwikkelt zich goed, volgt een vliegopleiding en staat niet open voor verdere hulpverlening. Het contact met de moeder verloopt moeizaam en de moeder heeft geen contact met de GI gezocht. De vader is belast met het eenhoofdig gezag en ondersteunt het contact met de moeder mits constructief en veilig.
De kinderrechter oordeelt dat de doelen van de ondertoezichtstelling die nog niet zijn behaald ook niet meer zullen worden gerealiseerd, omdat dit buiten de invloedssfeer van de GI ligt. Er is geen sprake meer van concrete bedreigingen voor de ontwikkeling van de minderjarige.
Daarom wordt het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling afgewezen. De minderjarige verblijft op grond van de machtiging bij de vader. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 maart 2025 en op schrift gesteld op 3 april 2025.