ECLI:NL:RBNHO:2025:4145

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
15 april 2025
Publicatiedatum
15 april 2025
Zaaknummer
11172787 BM VERZ 24-1662/11172813 MB VERZ 24-544 JM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • E. Jonker
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:448 lid 2 BWArt. 1:449 lid 2 BWArt. 1:461 lid 2 BWArt. 1:462 lid 2 BWRegeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot opheffing bewind en mentorschap afgewezen; nieuwe bewindvoerder en mentor benoemd

Betrokkene verzocht de rechtbank om het bewind en mentorschap op te heffen, stellende dat zijn gezondheid verbeterd is en hij zijn geldzaken weer zelf kan regelen. Hij kreeg hierbij steun van een vriendin. VAO-Bewind, de huidige bewindvoerder en mentor, voerde verweer en benadrukte de psychiatrische kwetsbaarheid van betrokkene, die gediagnosticeerd is met schizofrenie en onder behandeling staat bij GGZ, en stelde dat het bewind en mentorschap noodzakelijk blijven.

Tijdens de mondelinge behandeling werden diverse partijen gehoord, waaronder betrokkene, zijn familie, de huidige bewindvoerder en hulpverleners. Een psychiatrisch rapport bevestigde de noodzaak van het bewind en mentorschap. De kantonrechter oordeelde dat ondanks de stabiliteit van betrokkene de periode nog te kort is om het bewind en mentorschap op te heffen, gezien het risico op psychotische terugval en verwaarlozing van financiële zaken.

VAO-Bewind vroeg ontslag als bewindvoerder en mentor, wat door de kantonrechter werd toegewezen. Betrokkene wenste zijn moeder als mentor, maar de kantonrechter wees dit af vanwege taalbarrières. Ook de voorkeur voor een vriendin als mentor werd afgewezen vanwege een verstoorde relatie met hulpverleners. De kantonrechter benoemde daarom Beaufin B.V. als nieuwe bewindvoerder en Stichting Mentorschap Noordwest en Midden als mentor.

De kantonrechter stelde de beloning voor de aanvangswerkzaamheden van bewindvoerder en mentor vast op €660 exclusief btw en bepaalde een vergoeding voor de vertrekkende bewindvoerder. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en tegen deze beschikking staat hoger beroep open.

Uitkomst: Het verzoek tot opheffing van het bewind en mentorschap is afgewezen, maar de huidige bewindvoerder en mentor zijn ontslagen en vervangen door nieuwe functionarissen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Haarlem
Zaaknummers: 11172787 BM VERZ 24-1662 JM
11172813 MB VERZ 24-544 JM
Uitspraakdatum: 15 april 2025

Beschikking van de kantonrechter

op verzoek van:
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats], op [geboortedatum],
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: betrokkene,
van wie thans bewindvoerder is:
De VAO-Bewind B.V.
gevestigd te Haarlem
hierna ook te noemen: VAO-Bewind.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoekschrift van betrokkene, ter griffie ingekomen op 24 juni 2024;
  • het verweerschrift van VAO-Bewind, ter griffie ingekomen op 8 juli 2024;
  • een e-mailbericht van [vriendin], ter griffie ingekomen op 12 augustus 2024;
  • de reactie van betrokkene op het verweer van VAO-Bewind alsmede aanvullende stukken op het verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 28 augustus 2024;
  • aanvullende stukken op het verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 30 augustus 2024, 3 september 2024 en 25 september;
  • een e-mailbericht van betrokkene, ter griffie ingekomen op 8 oktober 2024;
  • een brief van VAO-Bewind, ter griffie ingekomen op 10 oktober 2024;
  • aanvullende stukken op het verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 18 november 2024;
  • het ter zitting door [bewindvoerster] overgelegde verslag in verband met een psychiatrisch onderzoek van betrokkene door [psychiater];
  • een bereidverklaring van de voorgestelde bewindvoerder Beaufin B.V., ter griffie ingekomen op 5 december 2024;
  • een e-mailbericht van verzoeker, ter griffie ingekomen op 19 december 2024;
  • een bereidverklaring van de voorgestelde mentor Stichting Mentorschap Noordwest en Midden, ingekomen op 14 januari 2025;
  • een e-mailbericht met bijlagen van verzoeker en [vriendin], ter griffie ingekomen op 6 februari 2025.
Een mondelinge behandeling van het verzoekschrift heeft plaatsgevonden op 28 november 2024. Verschenen zijn: betrokkene, bijgestaan door zijn moeder, zus, [vriendin] en haar zoon, [bewindvoerster], werkzaam als bewindvoerder bij VAO-Bewind, [medewerkers GGZ], beiden werkzaam bij GGZ inGeest (FACT Team
zuid) te Hoofddorp.

beoordeling

Bij beschikkingen van 1 februari 2023 is een bewind ingesteld over de (toekomstige) goederen van betrokkene wegens zijn geestelijke of lichamelijke toestand, alsmede een mentorschap ten behoeve van betrokkene. VAO-Bewind is bij deze beschikkingen zowel benoemd tot bewindvoerder als mentor.
Betrokkene verzoekt de kantonrechter het bewind en het mentorschap op te heffen. Hij voert aan dat er in zijn leven hele grote belangrijke dingen positief zijn veranderd. Zijn gezondheid is al langere tijd goed. Hij is verantwoordelijk en kan zijn geldzaken weer zelf regelen. Hij heeft geen schulden meer. Zijn moeder en zus zijn in Nederland komen wonen. Hij kan hulp vragen aan vrienden en familie. [vriendin], een vriendin van betrokkene die hem bijstaat, heeft de kantonrechter laten weten dat zij dit verzoek ondersteunt.
VAO-Bewind heeft verweer gevoerd tegen het verzoek tot opheffing van het bewind en mentorschap. VAO-Bewind voert aan dat betrokkene kwetsbaar en gevoelig is voor beïnvloeding van buitenaf. Betrokkene is gediagnostiseerd met schizofrenie en andere psychische stoornissen en staat onder behandeling van GGZ. Betrokkene krijgt medicatie in de vorm van een depot en zonder depot zal er sprake zijn van psychotische decompensatie wat uiteindelijk zal leiden tot maatschappelijke teloorgang. Betrokkene zal dan een gevaar zijn voor zichzelf en omgeving. Verder voert VAO-Bewind aan dat betrokkene zich laat leiden en sturen door een vriendin. Mede door haar adviezen heeft betrokkene zijn individuele begeleiding opgezegd. Er is tijdens een huisbezoek een conflictsituatie ontstaan tussen voornoemde vriendin en VAO-Bewind. Betrokkene kon, zonder het bijzijn van deze vriendin, niet aangeven waarom hij geen bewind en mentorschap meer wenst. VAO-Bewind stelt dat juist door de maatregelen, de geldzaken en de aandacht voor zijn persoonlijke belangen naar wens lopen en er een balans is gevonden. VAO-Bewind wijst verder op een brief van 3 juli 2024 van [maatschappelijk werkster] bij het FACT team/GGZ, waarin staat dat het FACT team GGZ inGeest opheffing van de maatregelen zeer onverstandig vindt. Betrokkene kan zelf niet verklaren waarom hij geen bewindvoerder en mentor meer wenst. Het opheffingsverzoek komt niet van hemzelf, maar van een vriendin (de rechtbank begrijpt dat hiermee op [vriendin] wordt gedoeld). Vanuit de behandeling constateert het FACT team GGZ inGeest dat betrokkene door zijn psychiatrische aandoening niet adequaat en zelfredzaam zijn leven actief kan vormgeven. Hij is kwetsbaar voor beïnvloeding van buitenaf. VAO-Bewind vindt dat, gelet op de psychiatrische problematiek die bij betrokkene speelt, het verzoek moet worden afgewezen.
Betrokkene heeft op het verweerschrift van VAO-Bewind gereageerd. Hij geeft hierin kort gezegd aan dat hij psychisch stabiel is en goede ondersteuning heeft. Verder geeft hij, onderbouwd met stukken, aan dat hij ontevreden is over de bewindvoerder.
VAO-Bewind heeft de kantonrechter bericht niet meer te zullen reageren op de vele (e-mail) berichten van betrokkene dan wel van [vriendin].
Tijdens de mondelinge behandeling op 28 november 2024 heeft de kantonrechter partijen gehoord. Ter zitting heeft [maatschappelijk werkster] een verslag van het psychiatrisch onderzoek van betrokkene door zijn psychiater overgelegd. [maatschappelijk werkster] heeft tevens -desgevraagd- verklaard dat zij bewind en mentorschap noodzakelijk acht. VAO-Bewind heeft aangegeven te willen worden ontslagen als bewindvoerder en mentor als de kantonrechter van oordeel zijn dat het bewind en mentorschap niet kan worden opgeheven. [vriendin] betwist de noodzaak van het bewind en mentorschap.
Op grond van artikel 1:449 lid 2 en Pro artikel 1:462 lid 2 van Pro het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de kantonrechter het bewind en mentorschap opheffen indien de noodzaak daartoe niet meer bestaat of voortzetting niet zinvol is gebleken.
Anders dan betrokkene acht de kantonrechter het bewind en mentorschap nog steeds noodzakelijk. Betrokkene is thans stabiel en goed ingesteld op depotmedicatie. De periode van stabiliteit is thans echter nog kort. Aannemelijk is dat een psychotische terugval samen gaat met verwaarlozing van (financiële) zaken. De kantonrechter acht het risico dat dit gebeurd thans nog te groot. Gelet op de diagnose en de kwetsbaarheid van betrokkene acht de kantonrechter in ieder geval een langere stabiele periode noodzakelijk voordat het bewind en mentorschap kunnen worden opgeheven. Zodra daarvan sprake is, staat het betrokkene vrij opnieuw een verzoek om opheffing te doen. Dan kan worden bekeken of de kwetsbaarheid en beïnvloedbaarheid van betrokkene ook dusdanig zijn afgenomen dat het bewind en het mentorschap dan niet langer noodzakelijk zijn. Het opheffingsverzoek zal nu dan ook worden afgewezen.
Nu VAO-Bewind om haar ontslag als bewindvoerder respectievelijk mentor heeft gevraagd, zal de kantonrechter haar op grond van artikel 1:448 lid 2 BW Pro respectievelijk 1:461 lid 2 BW ontslaan als bewindvoerder respectievelijk mentor. Op grond hiervan dient namelijk aan een bewindvoerder en mentor ontslag te worden verleend als zij daarom vraagt. Vervolgens komt de vraag aan de orde wie tot bewindvoerder en mentor dient te worden aangesteld. Betrokkene heeft ter zitting aangegeven dat hij wenst dat zijn moeder wordt benoemd tot mentor. De kantonrechter zal afwijken van deze uitdrukkelijke voorkeur van betrokkene om zijn moeder te benoemen tot mentor. Moeder is namelijk de Nederlandse taal niet machtig. De kantonrechter is van oordeel dat het in het belang van betrokkene is dat een mentor de Nederlandse taal machtig is (en voldoende kennis heeft van het Nederlandse zorgsysteem) om de taken van een mentor naar behoren uit te kunnen voeren. Betrokkene heeft subsidiair voorgesteld om [vriendin] te benoemen tot mentor. De kantonrechter ziet echter ook redenen om van deze voorkeur van betrokkene af te wijken. Ter zitting is namelijk gebleken dat er sprake is van een verstoorde relatie tussen de hulpverleners, de huidige bewindvoerder en [vriendin]. De kantonrechter acht het in het belang van betrokkene dat hulpverleners, bewindvoerder en mentor in goede harmonie met elkaar kunnen overleggen. De kantonrechter heeft er onvoldoende vertrouwen in dat dat gaat lukken als [vriendin] tot mentor zou worden benoemd. De kantonrechter acht dat niet in het belang van betrokkene.
Betrokkene heeft vervolgens Stichting Mentorschap Noordwest en Midden voorgesteld als opvolgend mentor. Verder heeft de kantonrechter op 5 december 2024 een bereidverklaring van Beaufin B.V. als bewindvoerder ontvangen. De kantonrechter zal derhalve de Stichting Mentorschap Noordwest en Midden en Beaufin B.V. tot mentor respectievelijk tot bewindvoerder benoemen. Van bezwaren tegen hun benoeming is niet gebleken.
De kantonrechter zal de beloning van de te benoemen bewindvoerder voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen op een bedrag van € 660,00 (exclusief btw).
De kantonrechter zal de beloning van de te benoemen mentor voor de aanvangswerkzaamheden vaststellen op een bedrag van € 660,00 (exclusief btw).
De stukken die de kantonrechter na de zitting heeft ontvangen, met uitzondering van het voorstel om Stichting Mentorschap Noordwest en Midden tot mentor te benoemen en de bereidverklaring van Beaufin B.V., zijn tardief en zijn daarom niet meegenomen in de beoordeling.
De beslissing luidt als volgt.

beslissing

De kantonrechter:
  • wijst af het verzoek om het bewind op te heffen;
  • wijst toe het ontslagverzoek van De VAO-Bewind B.V als bewindvoerder en ontslaat De VAO-Bewind B.V., met ingang van twee weken na heden, als bewindvoerder;
  • benoemt Beaufin B.V., Kvkno. 53654676, correspondentieadres: postbus 9407, 1006 AK Amsterdam, met ingang van twee weken na heden, tot opvolgend bewindvoerder;
  • wijst af het verzoek om het mentorschap op te heffen;
  • wijst toe het ontslagverzoek van De VAO-Bewind B.V als mentor en ontslaat De VAO-Bewind B.V., met ingang van twee weken na heden, als mentor;
  • benoemt Stichting Mentorschap Noordwest en Midden, Kvkno. 37127480, correspondentieadres: Koningin Wilhelminalaan 3, 3527 LA Utrecht, met ingang van twee weken na heden, tot mentor;
  • verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
  • stelt de jaarbeloning van de bewindvoerder vast overeenkomstig artikel 3 lid 2 sub Pro a
van de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren;
  • stelt de beloning van de bewindvoerder voor de aanvangswerkzaamheden vast op een bedrag van € 660,00 (exclusief btw);
  • stelt de beloning van de mentor voor de aanvangswerkzaamheden vast op een bedrag van € 660,00 (exclusief btw);
  • stelt de beloning van de ontslagen bewindvoerder voor het opmaken van de eindrekening en verantwoording vast op een bedrag van € 248,00 (exclusief btw).
Deze beschikking is gegeven door mr. E. Jonker, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter
Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam binnen drie maanden na de dag van deze uitspraak (dit dient te geschieden door een advocaat). OBB30