ECLI:NL:RBNHO:2025:4443
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming inschrijving minderjarige op basisschool in belang van kind
Partijen zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk gezag uit over hun minderjarige kind, dat onder toezicht staat van een gezinsvoogd. De ouders zijn het niet eens over de keuze van de basisschool voor het kind, waarbij de moeder een school in [plaats] wenst en de vader een school dichter bij de woonplaats van het kind prefereert.
De moeder heeft meerdere verzoeken tot vervangende toestemming ingediend vanwege het ontbreken van overeenstemming, waarbij eerdere verzoeken werden afgewezen met het advies eerst onder begeleiding van de gezinsvoogd tot overeenstemming te komen. Dit is niet gelukt. De moeder baseert haar keuze op het onderwijsconcept, de nabijheid van haar werk en familie, en de toekomstige schoolloopbaan van het kind.
De vader benadrukt de afstand en het gemak voor het kind om naar een school dichterbij te gaan, maar onderbouwt zijn standpunt niet concreet. De gezinsvoogd en de Raad voor de Kinderbescherming adviseren de rechtbank om een beslissing te nemen in het belang van het kind.
De rechtbank weegt de belangen af en concludeert dat de argumenten van de moeder, gericht op de ontwikkeling en behoeften van het kind, zwaarder wegen dan de afstandsargumenten van de vader. De rechtbank verleent daarom vervangende toestemming voor inschrijving op de door de moeder gekozen school. Proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De rechtbank verleent de moeder vervangende toestemming om de minderjarige in te schrijven op de basisschool in [plaats].