Op 7 november 2024 werd verdachte aangehouden in Hoofddorp met een zelfgemaakt explosief (fasciapakket) met circa 1,2 kilo flitspoeder, een aansteker en handschoenen. Hij verklaarde het explosief te willen testen in een bos, maar de rechtbank achtte deze verklaring ongeloofwaardig gezien zijn locatie in een woonwijk en zijn gedrag.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde feit van heling van een snorfiets omdat dit niet wettig en overtuigend bewezen kon worden. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte voorbereidingshandelingen heeft verricht voor het opzettelijk teweegbrengen van een ontploffing met gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar, en dat hij een verboden wapen (explosief) van categorie II bij zich had.
De rechtbank oordeelde dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans op het veroorzaken van gevaar heeft aanvaard en veroordeelde hem tot een gevangenisstraf van twintig maanden, met aftrek van voorarrest. Tevens werd de snorfiets verbeurd verklaard. Vorderingen tot tenuitvoerlegging van eerdere voorwaardelijke straffen werden toegewezen wegens overtreding van de proeftijd.