Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De verdere procedure
2.De verdere beoordeling
€ 4,50) toewijsbaar.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
De zaak betreft een bodemprocedure tussen GVB Exploitatie B.V. en een gedaagde partij die niet is verschenen. De kantonrechter heeft bij tussenvonnis de eisende partij de gelegenheid gegeven om zich uit te laten over de eerlijkheid van een incassokostenbeding in de algemene voorwaarden. De eisende partij heeft daarop een akte genomen waarin zij betoogt dat het beding niet oneerlijk is, waarbij artikel 6.7 en 6.8 van de Productvoorwaarden samen moeten worden gelezen.
De kantonrechter volgt dit standpunt en oordeelt dat het incassokostenbeding niet oneerlijk is. De vordering wordt deels toegewezen: een bedrag van €506,33 aan hoofdsom, vermeerderd met buitengerechtelijke kosten van €75,95, terwijl de vordering tot vergoeding van rente wordt afgewezen vanwege een te hoog berekend bedrag. De wettelijke rente wordt toegewezen vanaf de dag van dagvaarding over het toegewezen bedrag.
De gedaagde wordt in het ongelijk gesteld en veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, rente en proceskosten, die zijn vastgesteld op dagvaarding €107,84, griffierecht €322,00 en salaris gemachtigde €132,00. De veroordeling is uitvoerbaar bij voorraad. Voor het overige wordt de vordering afgewezen.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €582,28 plus wettelijke rente en proceskosten.