Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNHO:2025:572

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
21 januari 2025
Publicatiedatum
22 januari 2025
Zaaknummer
11186696 BM VERZ 24-1258 NVDM
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opheffing van bewind wegens gebrek aan samenwerking en zelfstandige financiële beheerscapaciteit

De kantonrechter van de Rechtbank Noord-Holland heeft op 21 januari 2025 het verzoek tot opheffing van het bewind over de goederen van betrokkene toegewezen. Het bewind was ingesteld bij beschikking van 21 januari 2020. De bewindvoerders stelden dat het bewind niet langer uitvoerbaar was vanwege het ontbreken van constructieve samenwerking en een gebrek aan wederzijds vertrouwen met betrokkene.

Er waren onenigheden over de hoogte van de schulden en de wijze van schuldaflossing. Ondanks dat het dossier stabiel was en betrokkene geen onregelmatigheden vertoonde, konden de bewindvoerders niet veel meer voor haar betekenen. Betrokkene bevestigde deze standpunten en gaf aan weer in staat te zijn haar financiën zelfstandig te beheren.

De kantonrechter oordeelde dat voortzetting van het bewind niet zinvol was, ook al waren er nog problematische schulden. De opheffing van het bewind gaat in twee weken na de uitspraak in. Tevens werd de beloning van de bewindvoerders vastgesteld op € 248,00 exclusief btw voor het opmaken van de eindrekening en verantwoording.

Uitkomst: Het bewind over de goederen van betrokkene wordt opgeheven wegens gebrek aan samenwerking en het herstel van zelfstandige financiële beheerscapaciteit.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknummer: 11186696 BM VERZ 24-1258 NVDM
Uitspraakdatum: 21 januari 2025

Beschikking van de kantonrechter

op verzoek van:
J. Vlaming en C. Staats, vennoten van Stabiel Support,
gevestigd te Alkmaar,
hierna ook te noemen: bewindvoerders,
in het bewind van:
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
van wie het adres bekend is bij deze rechtbank,
hierna ook te noemen: betrokkene.

procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
  • het verzoek, ter griffie ingekomen op 27 juni 2024;
  • de e-mail van betrokkene, ter griffie ingekomen op 19 augustus 2024.
Op 16 december 2024 heeft een mondelinge behandeling van het verzoek plaatsgevonden.

beoordeling

Het verzoek strekt tot opheffing van het bij beschikking van 21 januari 2020 ingestelde bewind over de goederen die aan betrokkene (zullen) toebehoren.
De bewindvoerders stellen dat het bewind niet langer uitvoerbaar is. Er is geen constructieve samenwerking meer mogelijk met betrokkene en er is een gebrek aan wederzijds vertrouwen. Zo zijn de bewindvoerders en betrokkene het niet eens over de hoogte van de schulden en is er onenigheid over de wijze waarop de schulden zouden moeten worden opgelost. Verder geven de bewindvoerders aan dat zij niet veel meer voor betrokkene kunnen betekenen. Het dossier is stabiel en betrokkene doet geen gekke dingen. De bewindvoerders hebben er daarom vertrouwen in dat betrokkene in staat is haar financiën weer zelf te gaan beheren.
Betrokkene is het eens met het opheffingsverzoek van de bewindvoerders. Zij heeft de stellingen van de bewindvoerders bevestigd en is, net als de bewindvoerders, van mening dat zij weer in staat is om zelf haar financiën te gaan beheren.
Gelet op het voorgaande zal de kantonrechter het bewind opheffen. Hoewel nog wel sprake lijkt te zijn van problematische schulden, is de kantonrechter van oordeel dat voortzetting van het bewind niet zinvol is gebleken.

beslissing

De kantonrechter:
  • heft op, met ingang van twee weken na heden, het bij beschikking van 21 januari 2020 ingestelde bewind over de goederen toebehorende aan [betrokkene];
  • verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
  • stelt vast dat de beloning die de bewindvoerders eenmalig voor de werkzaamheden betreffende het opmaken van de eindrekening en verantwoording in rekening mogen brengen (thans) € 248,00 (exclusief btw) bedraagt.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.C. van Rijn, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter