Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.De standpunten
4.Het oordeel van de rechtbank
.Daarna worden er pallets met dozen gefilmd en komt het manifest in beeld. Op dit manifest staat dat de betreffende vracht vanuit Bogota (Colombia) via Luik (België) naar [naam 1] is verstuurd met vlucht [nummer 3] . Daarnaast is het nummer van de vrachtplaat van de betreffende vracht leesbaar: [nummer 1] . Dit is het nummer van de vrachtplaat waarop de bloemendoos met de 26 pakketten cocaïne is aangetroffen. Verder is op de telefoon van [naam 3] een video aangetroffen waarop zichtbaar is dat iemand vrachtplaten met bloemendozen filmt. Een doos wordt specifiek in beeld gebracht: dit betreft een bloemendoos met airwaybillnummer [nummer 2] . Daarna wordt het nummer van de vrachtplaat in beeld gebracht. De vrachtplaat heeft het nummer [nummer 1] . De vloer en de rollerbanen die zichtbaar zijn in de video komen niet overeen met de loods van [naam 1] . Kennelijk is deze video op een andere locatie gemaakt. De nummers van de doos en de vrachtplaat zijn wel gelijk aan de nummers van de doos en de vrachtplaat waarin de 26 pakketten met cocaïne zijn aangetroffen bij [naam 1] . Verder wordt op de telefoon van [naam 3] een schermafbeelding van Flightradar 24 aangetroffen. Op de schermafbeelding is een vlucht weergegeven. De weergegeven vlucht betreft Qatar Cargo vliegtuig met vluchtnummer [nummer 3] . Dit vluchtnummer is eveneens weergegeven op het manifest en betreft kennelijk de vlucht waarmee de 26 pakketten met cocaïne zijn vervoerd.
,uit de politiesystemen blijkt dat deze bijnaam vaker voor [naam 3] wordt gebruikt. Verder rijdt [naam 3] in een (opvallende) gele Mercedes AMG A45.
‘we’binnen zijn en het manifest toont. Daarnaast is in de telefoon van [naam 3] een screenshot aangetroffen van flightradar24, waarop te zien is dat de op het manifest vermelde vlucht werd gevolgd, al op het moment dat deze klaar staat op de startbaan van de luchthaven van Bogota. De rechtbank kan op basis van de camerabeelden, in het licht bezien van voornoemde feiten en omstandigheden, dan ook niet anders dan concluderen dat [verdachte] samen met [naam 2] en [naam 3] door de loods liep met als doel de bloemendoos met cocaïne te vinden. Daar komt nog bij dat ook het gegeven dat [naam 3] op 26 mei 2023 contact zocht met de directeur van [naam 1] ( [naam 4] ) (bewijsmiddelen 13 en 14) en de rechtbank uit het gesprek van 26 mei 2025 tussen [naam 2] en getuige [naam 5] afleidt dat hij ‘gezeik’ heeft gehad naar aanleiding van de inbeslagname (bewijsmiddelen 27, 28 en 29), er onmiskenbaar op wijst dat men in de loods was om de cocaïne op te halen.
5.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van de verdachte
7.Motivering van de sanctie
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
48 [achtenveertig] maanden.