Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- de dagvaarding met de producties 1 tot en met 6
- de conclusie van antwoord
- de mondelinge behandeling
- de pleitnota van [gedaagde].
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Spoedeisend belang
€ 178,00
Rechtbank Noord-Holland
Partijen hadden een affectieve relatie en woonden in Spanje, waaruit een dochter is geboren. Na beëindiging van de relatie bood eiser gedagede tijdelijk onderdak in zijn woning in Nederland, onder de voorwaarde dat zij contact zou opnemen met de gemeente voor vervangende woonruimte. Gedagede bleef echter langer dan afgesproken en betaalde aanvankelijk een deel van de huur, maar inmiddels onregelmatig en minder dan afgesproken.
Eiser zit sinds ruim twee jaar gevangen en heeft met gedagede afgesproken dat zij met haar dochter in de woning mag verblijven mits zij huur betaalt en toegang verleent aan de moeder en vrienden van eiser voor verzorging van huisdieren en schoonmaak. Deze afspraken zijn niet nagekomen, wat leidde tot escalaties en aangifte wegens mishandeling.
Eiser vordert ontruiming van de woning omdat gedagede onrechtmatig verblijft en hij de woning nodig heeft vanwege zijn verlof en de komst van zijn kleinkind. Gedagede betwist de onrechtmatigheid en stelt dat zij rechtmatig in de woning verblijft en dat haar belangen zwaarder wegen.
De rechtbank oordeelt dat het verblijf van gedagede begon als een gebruiksovereenkomst voor onzelfstandige woonruimte op basis van een vriendendienst met voorwaarden. De opzegging door eiser is rechtsgeldig wegens dringend eigen gebruik. De vordering tot ontruiming wordt toegewezen met een redelijke termijn tot uiterlijk 1 oktober 2025. Het verbod om huisdieren mee te nemen bij ontruiming wordt ook toegewezen. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen. Gedagede wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontruiming wordt toegewezen met een termijn tot uiterlijk 1 oktober 2025 en verbod op meenemen huisdieren.