ECLI:NL:RBNHO:2025:717

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
9 januari 2025
Publicatiedatum
27 januari 2025
Zaaknummer
9727619 \ CV EXPL 22-853
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis correctie uitspraakdatum en kostenberekening in civiele zaak NS Reizigers tegen gedaagde

In deze civiele procedure tussen NS Reizigers B.V. en gedaagde is een eerder vonnis gewezen waarin sprake was van evidente schrijffouten. De gemachtigde van NS Reizigers heeft de kantonrechter gewezen op onjuistheden in de uitspraakdatum en in de berekening van de toegewezen bedragen, met name een verschil in het toegewezen bedrag voor OV-fietskosten.

De kantonrechter heeft vastgesteld dat deze fouten kennelijk en eenvoudig te herstellen zijn en dat het herstelvonnis geen nadeel voor gedaagde oplevert, zodat gedaagde niet is gehoord over het herstelverzoek. De uitspraakdatum is gecorrigeerd naar 17 oktober 2024 en de kostenposten zijn aangepast, waarbij onder meer de proceskosten worden vastgesteld op € 342,14 na verrekening van een verschilbedrag.

Het dictum is aangepast zodat gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over het bedrag van € 155,81 en tot betaling van de proceskosten binnen veertien dagen, met een verhaalsbeding voor kosten van betekening bij niet-tijdige betaling. Dit herstelvonnis is gehecht aan het oorspronkelijke vonnis en vormt een integrale verbetering daarvan.

Uitkomst: Het vonnis is hersteld met correcte uitspraakdatum en aangepaste kosten- en renteveroordeling ten laste van gedaagde.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Zaanstad
Zaaknr./rolnr.: 11137891 CV EXPL 24-1422
Uitspraakdatum: 9 januari 2025
Herstelvonnis van de kantonrechter in de zaak van:
de besloten vennootschap
NS Reizigers B.V.
gevestigd te Utrecht
eiseres, hierna te noemen: NS Reizigers
gemachtigde: LAVG BV (Groningen)
tegen
[gedaagde]
wonende te [woonplaats]
gedaagde, hierna te noemen: [gedaagde]
procederend in persoon

1.De procedure

1.1.
Tussen partijen is in de hierboven vermelde zaak- en rolnummer een vonnis uitgesproken.
1.2.
Op 4 december 2024 heeft de gemachtigde van NS Reizigers de kantonrechter erop gewezen dat het vonnis schrijffouten bevat, in die zin dat de uitspraakdatum niet juist is vermeld en de berekening onder randnummer 3.17, 3.18 en 3.19 niet klopt, omdat er wordt gerekend met een bedrag van € 27,70, terwijl onder randnummer 3.10 een bedrag van € 26,70 wordt toegewezen.
1.3.
Omdat sprake is van evidente verschrijvingen en dit herstelvonnis [gedaagde] niet bena-deelt, heeft de kantonrechter [gedaagde] niet in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren.

2.De beoordeling

2.1.
De kantonrechter stelt vast dat in de hierboven vermelde zaak- en rolnummer een vonnis is uitgesproken met een onjuiste datum waarop dit vonnis is uitgesproken. Verder stelt de kantonrechter vast dat, gelet op randnummer 3.10 van dat vonnis, onder randnummer 3.17, 3.18 en 3.19 is gerekend met een verkeerd bedrag. Omdat deze gegeven onjuist zijn opgenomen in het vonnis, is naar het oordeel van de kantonrechter sprake van kennelijke fouten die zich voor eenvoudig herstel lenen. [1]
2.2.
Het vonnis zal als volgt worden hersteld.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
bepaalt dat de uitspraakdatum van het vonnis moet zijn:
17 oktober 2024
3.2.
bepaalt dat van het tussen partijen gewezen vonnis bij de beoordeling als volgt wordt aangepast:
“3.17. [gedaagde] heeft de vordering erkend. Dat betekent dat de vordering ten aanzien van de reiskosten (€ 124,91), OV-fietskosten (€ 26,70) en de abonnementsgelden (€ 4,20) toewijsbaar is, in totaal een bedrag van € 155,81. De gevorderde rente is ook toewijsbaar, zoals hierna vermeld, omdat [gedaagde] hiertegen geen verweer heeft gevoerd en zij in verzuim is. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden, gelet op rechtsoverweging 3.13. afgewezen.”.
“3.18. [gedaagde] heeft een bedrag van € 157,21 na dagvaarding voldaan. NS Reizigers heeft haar vordering met dat bedrag verminderd. Het verschil tussen de oorspronkelijke vordering van € 157,21 en de toewijsbare hoofdsom van € 155,81 is € 1,40. Dit bedrag dient nog in mindering te worden gebracht op de hierna vermelde proceskosten.”.
“3.19. Omdat [gedaagde] ongelijk krijgt, moet zij de proceskosten (inclusief de nakosten) betalen aan NS Reizigers. De proceskosten worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding € 113,54
- griffierecht € 130,00
- salaris gemachtigde € 80,00 (2 punten x € 40,00)
- nakosten € 20,00 (plus de kosten van betekening zoals
vermeld in de beslissing)
Totaal € 343,54
Minus verschil € 1,40
-----------
Totaal € 342,14”.
3.3.
bepaalt dat het dictum van het tussen partijen gewezen vonnis als volgt wordt aangepast:
“4.1. veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de wettelijke rente over € 155,81 vanaf 22 mei 2024 tot 8 juli 2024.”
“4.2. veroordeelt [gedaagde] tot betaling van de proceskosten die tot en met vandaag voor NS Reizigers worden vastgesteld op € 342,14, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [gedaagde] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend”.
Dit herstelvonnis is gewezen door mr. P.J. Jansen en is gehecht aan het eindvonnis waarin deze verbetering als ingelast en overgenomen wordt beschouwd. Het verbeterde vonnis is opnieuw uitgesproken ter openbare terechtzitting van bovenvermelde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter

Voetnoten

1.Artikel 31 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering.