ECLI:NL:RBNHO:2025:7922
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen niet-verzekering Wlz wegens verblijf in Griekenland
Eiseres, met de Nederlandse nationaliteit, voerde beroep aan tegen het besluit van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) dat zij vanaf 10 februari 2020 niet verzekerd was voor de Wet langdurige zorg (Wlz). De SVB stelde dat eiseres haar woonplaats in die periode niet in Nederland had, maar in Griekenland, waardoor zij niet onder de Nederlandse Wlz viel.
De rechtbank behandelde het beroep op 6 juni 2025 en onderzocht de feiten, waaronder verklaringen van eiseres over haar langdurig verblijf in Griekenland vanwege het overlijden van haar echtgenoot, de afwikkeling van de nalatenschap, de moeizame verkoop van vakantiewoningen en reisbeperkingen door de coronapandemie. Eiseres had geen zelfstandige woonruimte in Nederland en declareerde zorgkosten bij haar Nederlandse zorgverzekeraar voor zorg in Griekenland.
De rechtbank concludeerde dat het centrum van belangen van eiseres gedurende de periode van 10 februari 2020 tot en met 27 augustus 2024 in Griekenland lag. De omstandigheden maakten niet dat zij haar woonplaats in Nederland had, ondanks haar intentie niet te emigreren. Pas vanaf 27 augustus 2024 veranderde dit, waarna zij weer als woonachtig in Nederland werd beschouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet-verzekerd zijn voor de Wlz wordt ongegrond verklaard omdat haar woonplaats in de periode in Griekenland lag.