ECLI:NL:RBNHO:2025:8456
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak begunstiging bij steekincident wegens ontbreken vereiste oogmerk
Op 12 februari 2024 vond een schiet- en steekpartij plaats in Purmerend waarbij een slachtoffer overleed en een ander zwaargewond raakte. De verdachte werd beschuldigd van begunstiging door het schoonmaken en verbergen van het mes waarmee het slachtoffer was gestoken, onder meer door het kopen van ammoniak.
De officier van justitie stelde dat de verdachte medepleger was omdat zij bewust een fles ammoniak had gekocht om het mes schoon te maken. De verdediging voerde aan dat de verdachte niet wist waarvoor de ammoniak werd gebruikt en dus het vereiste oogmerk ontbrak.
De rechtbank oordeelde dat niet kon worden bewezen dat de verdachte wist dat de ammoniak gebruikt zou worden voor het schoonmaken van het mes. De verdachte had toegegeven de ammoniak te hebben gekocht op verzoek van haar broertje zonder te weten waarvoor. Daarom ontbrak het vereiste oogmerk voor begunstiging.
De rechtbank sprak de verdachte vrij van alle tenlasteleggingen. De zaak draaide om de vraag of het vereiste oogmerk aanwezig was, wat niet kon worden vastgesteld op basis van het dossier en de verklaringen.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer jeugdstrafzaken van de Rechtbank Noord-Holland op 24 juli 2025.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken wegens ontbreken van het vereiste oogmerk voor begunstiging.