Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer],
hebbende verdachte
- zijn vinger(s) en/of penis in de vagina van die [slachtoffer] gebracht en bestaande dat geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) en/of die bedreiging met geweld of die andere feitelijkhe(i)d(en) hierin dat verdachte
- zijn hand om de nek van die [slachtoffer] heeft gedaan en/of
- (vervolgens) die [slachtoffer] heeft gewurgd en/of
- die [slachtoffer] (vervolgens) op/tegen de bank heeft geduwd;
hij op of omstreeks 8 november 2023 te Zandvoort [slachtoffer] heeft mishandeld door die [slachtoffer]:
- tegen haar keel te duwen en/of
- te wurgen en/of
- tegen een bank te duwen.
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
[slachtoffer]geleden schade tot een bedrag van
€ 350,00 (driehonderdvijftig), bestaande uit immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 8 november 2023 tot aan de dag van algehele voldoening.