ECLI:NL:RBNHO:2025:9938
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedaagde tekortgeschoten in nakoming overeenkomst veranda, vervangende schadevergoeding toegewezen
Partijen sloten op 4 november 2022 een overeenkomst voor de levering en realisatie van een veranda. Gedaagde verrichtte werkzaamheden tot 25 november 2022, maar voldeed niet volledig aan de contractuele verplichtingen. Eiser stelde gedaagde op 3 januari 2023 en 4 juli 2024 in gebreke vanwege diverse klachten, waaronder ontbrekende glasplaten, gebrekkige montage en lekkages.
Eiser vorderde nakoming, maar zette deze vordering op 12 juli 2024 om in een vordering tot vervangende schadevergoeding wegens het niet volledig verhelpen van tekortkomingen door gedaagde. De rechtbank oordeelde dat gedaagde in verzuim was en veroordeelde hem tot betaling van € 3.300 aan herstelkosten, gebaseerd op een offerte die redelijk werd geacht.
De gevorderde vergoeding voor vijftien opgenomen vakantiedagen werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en het ontbreken van bewijs dat eiser deze dagen daadwerkelijk had opgenomen, mede gelet op zijn mogelijkheid tot thuiswerken. Daarnaast werd gedaagde veroordeeld tot betaling van buitengerechtelijke incassokosten van € 455 en proceskosten van € 1.065,84.
Het vonnis werd uitgesproken door kantonrechter J.S. Reid op 2 juli 2025 en is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van vervangende schadevergoeding van € 3.300 en incassokosten, terwijl vergoeding vakantiedagen wordt afgewezen.