Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die bestonden uit of mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van [het slachtoffer], te weten
- het zich door [het slachtoffer] laten pijpen en/of
- het brengen van zijn, verdachtes, penis in de vagina van [het slachtoffer] en/of
(vaginale) gemeenschap hebben met [het slachtoffer].
jaren nog niet had bereikt, buiten echt, een of meer ontuchtige handelingen heeft gepleegd, te weten
- het betasten van de borsten van [het slachtoffer] en/of
- het zich door [het slachtoffer] laten pijpen en/of
- het brengen van zijn, verdachtes, penis in de vagina van [het slachtoffer] en/of
(vaginale) gemeenschap hebben met [het slachtoffer].
2.Voorvragen
- het zich door [het slachtoffer] laten pijpen en
- het brengen van zijn, verdachtes, penis in de vagina van [het slachtoffer] en
(vaginale) gemeenschap hebben met [het slachtoffer].
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
Letsellijst Schadefonds Geweldsmisdrijven,
de Rotterdamse schaalen de door haar aangehaalde vergelijkbare jurisprudentie. Ten slotte heeft de raadsvrouw verzocht de benadeelde partij niet-ontvankelijk te verklaren voor de gevorderde toekomstige schade.
De Rotterdamse Schaal. De vordering zal dan ook in zoverre worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 27 april 2024 tot aan de dag der algehele voldoening. Voor het overige zal de benadeelde partij in haar vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk worden verklaard.
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
twee (2) dagen.
150 urentaakstraf die bestaat uit het verrichten van onbetaalde arbeid, bij het niet of niet naar behoren verrichten daarvan te vervangen door 75 dagen hechtenis.
€ 6.171,30, bestaande uit € 171,30 als vergoeding voor de materiële schade en € 6.000,00 als vergoeding voor de immateriële schade, en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag vermeerderd met de wettelijke rente over het bedrag van de medische kosten vanaf 15 mei 2024, over het bedrag van de reiskosten vanaf 5 november 2024, en over het bedrag van de kleding en de immateriële schade vanaf 27 april 2024 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [het slachtoffer], voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
6.171,30, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 55 dagen gijzeling en bepaalt dat het te betalen bedrag voor de medische kosten wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 mei 2024, het te betalen bedrag voor de reiskosten wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 november 2024 en het te betalen bedrag voor de kleding en de immateriële schade wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 april 2024, allen tot aan de dag der algehele voldoening. De toepassing van de gijzeling heft de hiervoor opgelegde betalingsverplichting niet op.