Uitspraak
RECHTBANK Noord-Holland
1.[eiser 1],2. [eiser 2],
1.De procedure
- de producties 1 t/m 10 van [gedaagde]
- de mondelinge behandeling van 4 februari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt. Op de mondelinge behandeling is beslist dat de nog door [eisers] ingediende productie 19 is toegelaten. De door [eisers] ingediende producties 18, 20 en 21 zijn niet toegelaten.
-de pleitnota van [eisers]
.
3.Het geschil
primair:
te bepalen dat het [eisers] is toegestaan een niet geanonimiseerde versie van de herfinancieringsakte van eisers (ingebracht bij huidige producties), uitsluitend ter kennisname van de voorzieningenrechter te overleggen, gezien de vertrouwelijkheid van dit document ten opzichte van [gedaagde];
4.De beoordeling
dat de borgtocht door de Borg is aangegaan handelend in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf en/of in de normale uitoefening van het bedrijf van Geldnemer, bijvoorbeeld omdat de Borg bestuurder en/of aandeelhouder is van Geldnemer, en daarmee kwalificeert als een zakelijke borgtocht.” Er is in dat licht onvoldoende grond om aan te nemen dat [eiser 1] bij het aangaan van de borgtocht buiten beroep of bedrijf heeft gehandeld. Hij kan dan ook geen beroep doen op eventuele wettelijke bescherming die consumenten genieten.
5.De beslissing
- de ter zitting besproken financiering tot maximaal € 550.000,00 gebruiksklaar ligt,
- voor het verschil tussen die maximale financieringslast en de last onder de bestaande financiering welk verschil ter zitting is besproken en door partijen is begroot op € 45.000,00 aanvullende zekerheid wordt gesteld zolang dat nodig is om dit verhaalsverlies te compenseren,
- een pandrecht op roerende zaken,
- een recht van (derden)hypotheek, of
- een bankgarantie verstrekt door een in Nederland gevestigde bank,
- een combinatie van deze vormen,
- royement van de bestaande hypotheek en gelijktijdige vestiging en inschrijving van een nieuwe eerste hypotheek tot een bedrag van maximaal € 550.000,00, althans het bedrag benodigd voor aflossing van de bestaande lening,
- waarbij het door [gedaagde] gelegde conservatoir beslag op het aandeel in de woning na voormelde handelingen van kracht blijft en geacht wordt onafgebroken op het registergoed te hebben gerust, met behoud van zijn rang onmiddellijk na de nieuw te vestigen hypotheek;
- Indien de notaris dit voor zijn medewerking als voorwaarde stelt dient [gedaagde] eraan mee te werken dat in een notariële akte die in de openbare registers van het Kadaster wordt ingeschreven wordt bepaald dat de nieuwe hypotheek ten aanzien van het liggende beslag een hogere rang heeft dan haar volgens het tijdstip van haar inschrijving toekomt.